Op zijn jaarlijkse persconferentie had het Nationaal Orkest van België (NOB) dit jaar meer voor te stellen dan alleen maar het nieuwe concertprogramma voor het seizoen 2012-2013. Er was dan ook behoorlijk wat belangstelling voor een eerste kennismaking tussen het verzamelde journaille en de kersverse muziekdirecteur Andrey Boreyko (°1957).

De minzame Rus begint met uitgesproken ambities aan zijn termijn van vijf jaar als chef-dirigent: “klassieke muziek is niet louter entertainment dat de toehoorders gelukkig maakt, maar moet het publiek ook opvoeden en activeren zodat het zichzelf ontwikkelt.” Met deze man aan het roer van het NOB belooft het dus een leerrijke periode te worden in het Brusselse Paleis voor Schone Kunsten.

Warme ontvangst, frisse wind

Andrey Boreyko was tot voor kort chef bij de Düsseldorfer Symphoniker en kan al flink wat adelbrieven voorleggen. Zo was hij reeds gastdirigent bij wereldvermaarde orkesten als de Berliner Philharmoniker en het Concertgebouworkest Amsterdam, en leidde daarnaast ook een hele reeks Amerikaanse toporkesten. En ook voor het NOB was Boreyko allerminst een onbekende. Reeds driemaal, in 2005, 2007 en 2009, dirigeerde hij het orkest in Brussel en liet daarbij telkens een  overtuigende indruk na. “De musici keken dan ook uit naar zijn komst en hebben hem hartelijk ontvangen”, zo stelt intendant Albert Wastiaux, die de nieuwe orkestleider ook roemt omwille van diens ruime ervaring met de moderne muziek. Het NOB wil immers in het eerste seizoen na de succesvolle viering van zijn 75ste verjaardag de bewandelde paden verlaten en een grotere plaats inruimen voor minder bekende werken en hedendaagse componisten, hetgeen zich vertaalt in een avontuurlijkere programmatie. “Ik wil de componisten van onze tijd steunen,  kunstenaars die ik begrijp zoals Brett Dean, Valentin Silvestrov en Peter Eötvös”, zegt Boreyko daarover. Zeker tijdens de concerten op vrijdag wil het orkest in de toekomst gewaagder uit de hoek komen.

Boreyko, geboren in het toenmalige Leningrad, volgt op 1 september 2012 zijn Oostenrijkse collega Walter Weller (°1939) op. De ere-muziekdirecteur en oud-concertmeester van de Wiener Philharmoniker wordt geprezen omdat hij er tijdens zijn termijn in geslaagd is om vooral bij de snaren een uitstekend geluid te creëren. En ook de cd-opnames bij het label Fuga Libera konden op positieve kritieken rekenen. Maar de laatste jaren was het NOB onder zijn leiding toch een beetje op automatische piloot gaan musiceren. Het is nu aan Boreyko om de passie opnieuw aan te wakkeren en een frisse wind door het orkest te laten waaien. Mensen die dicht bij hem staan, omschrijven Andrey als iemand die leeft in zijn muziek en obsessief bezig is met details, zonder weliswaar het grotere plaatje uit het oog te verliezen. Gevraagd naar wat de nieuwbakken muziekdirecteur het NOB moet bijbrengen, antwoord Albert Wastiaux in één veelbetekenend woord: “raffinement”. Zelf haalt Boreyko een tweetal hoofdredenen aan voor zijn komst naar Brussel. Ten eerste is er het gevoel iets terug te willen doen voor de Lage Landen: een deel van Europa waar hij naar eigen zeggen veel aan te danken heeft. Zo viel de Rus in 1989 in de prijzen op het vijfjaarlijkse Kondrashin dirigentenconcours in Amsterdam. Daarnaast is hij het precies omwille van zijn Poolse roots en meervoudige afkomst gewoon om te werken op de breuklijn tussen twee verscheiden culturele mentaliteiten.

Slapend programma’s maken   

Andrey Boreyko, wiens grote droom het eigenlijk was om componist te worden, heeft een zwak voor niet-alledaagse, gedurfde en tevens grondig doordachte concertprogramma’s. “Ik ben een programmator in hart en ziel. Zelfs in mijn slaap betrap ik er mezelf op programma’s samen te stellen”, zo glimlacht de dirigent. Het is dus geen toeval dat hij aan het hoofd van de Jenaer Philharmonie drie jaar na elkaar de prijs voor de meest vernieuwende programmering kreeg in Duitsland. Zijn onpeilbare, grijsblauwe pretogen lichten op wanneer Boreyko zijn filosofie met de aanwezigen deelt. “Een concert moet in zichzelf een kunstwerk zijn en daarom is een coherente relatie tussen de verschillende stukken die tijdens een avond aan het publiek worden voorgeschoteld ontzettend belangrijk.” Het seizoen 2012-2013 wordt op dit punt alleszins een testcase. We zijn er ons van bewust dat niet al onze programmavoorstellen u zullen bevallen, zo verontschuldigt Boreyko zich alvast bij voorbaat in zijn voorwoord bij het programmaboekje. Maar door de bewuste thematische combinaties wordt het in ieder geval wel spannend.

Tijdens het aanstaande concertseizoen zal het NOB een twintigtal keer onder maestro Boreyko concerteren. Tot de meest in het oog springende producties behoren de wereldpremière van het vioolconcerto van diens landgenoot Victor Kissine (°1953) in december, met Gidon Kremer als solist, en een fascinerend programma “over duizend en één nachten” in maart volgend jaar, waarin Shéhérazade centraal staat en de muzikale diversiteit van Rusland verder zal worden geïllustreerd aan de hand van Het betoverde koninkrijk (1910) van Nikolai Tcherepnin (1873-1945) en Steady Time (2007) van Alexander Raskatov (°1953). Verrassen in traditie doet het NOB onder Boreyko ten slotte ook met de uitvoering van Schuberts “Onvoltooide” symfonie (D 759), zoals die door Anton Safronov (°1972) alsnog werd afgewerkt (3-5 mei 2013).

Daarnaast stipt productieverantwoordelijke Fabio Sinacori nog een aantal andere potentiële hoogtepunten uit het concertseizoen aan. Zo wordt op 25 januari 2013 onder leiding van de eerste gastdirigent Stefan Blunier een in alle opzichten vurig discours “over goed en kwaad” gehouden, met op het programma werk van Alexander Skrjabin (1872-1915) en Gustav Holst (1874-1934). En er zijn ook drie talentvolle Belgen die op het voorplan zullen treden bij de noemenswaardige poging om in het kader van het festival Ars Musica het publiek onder te dompelen in de hedendaagse muziek: celliste Marie Hallynck, componist Philippe Boesmans – van wie het pianoconcerto (1978) zal worden uitgevoerd – en violist Lorenzo Gatto (23 maart 2013).

Maar dat is voorlopig nog allemaal toekomstmuziek. Ondertussen nam Boreyko in zijn nieuwe functie wel al een eerste keer het dirigeerstokje ter hand voor een concert met de pianiste Anna Vinnitskaya, laureate van de Elisabethwedstrijd in 2007. Onze recensent Milo Derdeyn was erbij, genoot en besloot “Andrey Boreyko prima keuze voor NOB” en beloonde het concert met een Gouden Label – Aanmoedigingsprijs. Of wat de start moge betekenen van een lange en vruchtbare samenwerking.