Het heeft wat voeten in de aarde gehad, maar het is gelukt. Eindelijk. Het muziektheater waarmee het Quatuor Alfama de voorbije jaren menig kinderhart veroverde, is er nu ook in het Nederlands. De droom van Ariane beleefde in deSingel zowaar een dubbele première en schetst op een ontwapenende manier de geschiedenis van het strijkkwartet.

Eentje om in 2014 absoluut verder in het oog en oor te houden, zo luidde het positieve verdict na hun concert in het Brugse Concertgebouw. In het postscriptum bij de recensie werd toen al gewag gemaakt van een kleinood waarmee u uw kinderen een melodieuze kerst kon bezorgen: het luisterboekje Le rêve d’Ariane, gebaseerd op de gelijknamige voorstelling waarin het Belgische Quatuor Alfama en vertelster Ariane Rousseau het jonge volkje binnenleidde in de rijke geschiedenis van  het strijkkwartet, en die in Wallonië en Frankrijk tot een podiumsucces uitgroeide. Het voorbije weekend ging in deSingel de Nederlandstalige versie in première, met dank aan Lotte Mariën die voor de vertaling zorgde. De Antwerpse actrice neemt daarbij ook de rol van de echte Ariane over. En zo gaf De droom van… Klassiek Centraal een unieke gelegenheid om woord te houden. Maar wat nog veel belangrijker was: voor de eerste keer kon mijn petekindje mee op muzikaal avontuur. En zeg nu zelf, wat is er mooier dan de kleinsten onder ons leren genieten van klassieke muziek.

Niet té pedagogisch

Net dat is ook het uitgangspunt van een nieuwe reeks familieconcerten “voor grote én kleine oren” die deSingel onder de welluidende en tevens toepasselijke noemer Fa Mi La op poten zette. Want met klassieke muziek kan je inderdaad nooit vroeg genoeg beginnen. Vroeg, dat was in dit geval al om 11u, want in de namiddag beleefde het stuk nog een tweede vuurdoop. Grootouders, ouders én uiteraard vele (klein)kinderen deden de theaterstudio moeiteloos vollopen. En moest u er nog maar een seconde aan twijfelen: ook al was de zaal voor ongeveer de helft gevuld met pagadders, dit was een voortreffelijk gedisciplineerd publiek. Geen gehoest, gekuch laat staan telefoongerinkel, maar alleen oprechte bewondering en stille verwondering. Jawel, deze voorstelling hield de aandacht van haar publiek stevig vast en prikkelde vijftig minuten lang de fantasie van jong en oud.

Het begon allemaal in een grote tuin met daarin een enorme kerselaar, gezegend met grote, stevige takken. “Je kon er in klimmen, je kon er in zitten, je kon er zelfs in liggen als in je eigen bed.” Die boom was de schuilplaats van Ariane, haar boomhut waarin ze op een avond in slaap valt: de start van een magische droom. Het meisje wordt gewekt door vier houten stemmen, de ene al wat hoger dan de andere, die voor haar een parelende zonsopgang schilderen. Ze praten in muziek en nemen Ariane op de tonen van Haydns Sonnenaufgang-kwartet mee op een onalledaagse reis doorheen tijd en ruimte. Een hele reeks wereldberoemde componisten zal haar pad kruisen. Net als ‘papa’ Haydn hebben ze één voor één een belangrijke rol gespeeld in de rijke geschiedenis van het strijkkwartet. Mozart, Beethoven, Schubert, Debussy, Ravel, Shostakovich en Devreese passeren met enkele van ’s werelds beroemdste composities de revue. Muziekhistorici missen op deze reis wellicht enkele betekenisvolle namen uit (vooral) de tweede helft van de 19de eeuw, zoals Brahms en Dvořák, maar alleen een kniesoor die daarom maalt. Het stuk heeft hoe dan ook niet de bedoeling om té pedagogisch of detaillistisch te zijn, zoals cellist Renaat Ackaert in dit filmpje onderstreept. En meer volledigheid nastreven, had het verhaal ongetwijfeld te lang gemaakt.

Griezelig    

De droom van Ariane rijgt op ontwapenende wijze de hartverwarmende momenten aan elkaar. Hoogst bijzonder is de passage van Mozart, waarin aan de hand van het Dissonantenkwartet op een knappe manier de meerstemmigheid van het genre wordt geïllustreerd. Wordt de heerlijke melodie eerst nog samen ten gehore gebracht, dan krijgt elk instrument nadien zijn eigen partituur, waarna de musici de individuele bouwblokken enthousiast samenvoegen. Prachtig! Nadien moduleert de voorstelling onder impuls van Beethovens moeilijke jeugd en doofheid een eerste keer naar mineur: een toon die ondanks enkele uitzonderingen – de als verliefd klinkende openingsmaten van het Allegro uit diens derde kwartet in D-groot tijdens een spelletje gevoelens raden – geruime tijd wordt aangehouden, en bij Schubert culmineert in Der Tod und das Mädchen. Intussen had mijn vijfjarige buurjuffrouw mijn hand al stevig vastgegrepen. En daar kwam tijdens de kroniek van het meisje dat door de dood achternagezeten wordt ook nog de melding bij dat het toch wel wat “griezelig” was. Het is ook mijn enige kritische noot bij dit innemend muziektheater: hoewel het leven van menig componist niet over rozen liep, en er in de vertoning ook veel humor zit, is het klankbeeld (te) vaak opvallend ernstig en donker. Debussy en Ravel vallen daarbij in de eerste categorie, Shostakovich met het Allegretto uit zijn achtste strijkkwartet beslist in de laatste. Met een aan filmmuziek verwant stuk van Frédéric Devreese sluit Ariane haar reis wel op een iets luchtigere manier af. En dat is gelukkig zeker het geval met het slotliedje.

Het Quatuor Alfama zat deze voormiddag duidelijk met heel veel plezier op het podium en ontpopte zich tot een homogeen klinkende en vooral bijzonder interactieve reisgezel. Lotte Mariën moest in speelvreugde beslist niet onderdoen. Ze dartelde over de planken. “De droom van Ariane is grotendeels hetzelfde als de Franstalige tegenhanger. Alleen hier en daar heb ik, in samenspraak met de muzikanten, kleine aanpassingen aangebracht”, vertelt Mariën in Gazet van Antwerpen (17 oktober 2014, p. 15). Welke aanpassinkjes dat precies zijn? Peu importe. Crucialer is dat de actrice duidelijk een eigen stempel op Ariane drukt. Ze imiteert niet, zo vertelt Kris Hellemans mij na afloop, maar heeft haar rol een eigen draai gegeven: iets extraverter, met wat meer power. En Hellemans kan wel degelijk vergelijken. De gewezen altist van Alfama maakte immers alle Franstalige opvoeringen vanop de eerste rij mee. Ook het fleurige decor en de stijlvolle kostuums – de violistes zijn erdoor vergroeid met de natuur – verdienen overigens een speciale vermelding. Pannenkoeken waarvan de geur ons door de brede gangen van deSingel kwam toegewaaid, maakten het feest helemaal af.

De droom van Ariane kan nu eindelijk aan haar veroveringstocht van de Vlaamse podia beginnen, en er is geen enkele reden waarom ook onze noorderburen niet massaal overstag zou gaan. Werd Frédéric Devreese niet in Nederland geboren? Hoe dan ook kan het aanbod klassieke muziek voor jongeren sowieso nooit genoeg zijn. Daarom is deze productie een waar godsgeschenk. Eentje van op en top Belgische makelij dan nog. En dat alles verdient beslist een nominatie Gouden Label.

PS: Geen ideetje voor onder de kerstboom deze keer, maar gauw bestellen bij Sinterklaas: “De droom van Ariane. De geschiedenis van het strijkkwartet op kindermaat” is sinds vorige week ook beschikbaar als cd-boekje en wordt verdeeld door Harmonia Mundi. Zo kan u deze schitterende reis ook thuis beleven of herbeleven. En op zaterdag 1 november is er in deSingel BIG BANG, een avontuurlijk muziekfestival voor families en een jong publiek. Allen daarheen.