Busseto is een gemeente in de Italiaanse provincie Parma, regio Emilia-Romagna. Het was ooit het decor van de leefwereld van Don Camillo en Peppone en de woonplaats van Carlo Bergonzi. Bertolucci nam er gedeeltelijk zijn “Novecento” op, de componist  Merula werd er in 1695 geboren maar de stad is als geen ander verbonden aan … Giuseppe Verdi. En zeker nu! Want nu viert men er als nergens anders de “Bicentenario Verdiano”. Gelukkige verjaardag, Maestro!  E grazie mille! Bravo!

In het nabij gelegen dorpje (frazione) Le Roncole werd Verdi tweehonderd jaar geleden geboren. Daar speelde de kleine Peppino onder het toeziend oog van pastoor Pietro Baistrocchi als kind op het orgel van de kerk San Michele Arcangelo. In Busseto zelf bevindt zich het huis van de imprenditore (koopman) en landeigenaar Antonio Barezzi, de man die de jonge Verdi door dik en dun steunde, hem onophoudelijk geld gaf en leende en uiteindelijk zijn broodheer en schoonvader werd. Op de bovenverdieping van de huidige Casa Barezzi gaf de 17-jarige Verdi in 1830 zijn eerste publiek concert. In het huis kan u het eerste portret van Verdi en een portret van Antonio Barezzi bewonderen en kan u brieven van Verdi zien. De Casa Barezzi is ook het hoofdkantoor van l’Associazione Culturale Artistica Amici di Verdi (de “Vrienden van Verdi”) die het gebouw in 1979 en 1998 lieten restaureren. Sedert 2001 is er een permanente tentoonstelling van objecten en documenten i.v.m. Verdi en zijn relatie tot de bijzondere familie Barezzi.

In de kerk Santa Maria degli Angeli speelde de jonge Verdi orgel en in de Collegiata di San Bartolomeo Apostolo huwde hij in 1836 met Margherita Barezzi. In 1845 kocht Verdi in Busseto het Palazzo Orlandi. Hij woonde er van 1849 tot 1851 als weduwnaar samen met de zangeres Giuseppina Strepponi, een ongehuwde moeder van drie kinderen uit twee relaties. Zij zong tot 1846 en werd in 1859 uiteindelijk Mevrouw Verdi. Verdi componeerde er de opera’s “Luisa Miller”, “Stiffelio” en “Rigoletto”.

“Teatro Giuseppe Verdi”

Busseto bezit ook een theater. Het “Teatro Giuseppe Verdi” is een prachtig, klein theater met 300 zitplaatsen, gebouwd door de gemeente met steun van Verdi, maar niet meteen met zijn toestemming. Uiteindelijk schonk hij wel geld voor de voltooiing ervan. Het Teatro Giuseppe Verdi  is gelegen in een vleugel van de Rocca dei Marchesi Pallavicino op de huidige Piazza Giuseppe Verdi. Het theater opende op 15 augustus 1868 haar deuren. Er stond reeds een theater op dezelfde locatie, maar terwijl de plannen voor de bouw van een nieuw theater reeds in 1845 bestonden, gebeurde er niets tot de gemeente het initiatief overnam. Ontworpen door Pier Luigi Montecchini uit Parma is het theater gelegen in de stadshal (Palazzo Municipale/Rocca Pallavicino), bereikbaar via een grote trap. Voor het theater werd een buste van Verdi van Giovanni Dupré (1817-1882) geplaatst. Het interieur is traditioneel hoefijzervormig met drie rijen balkons en een elegant ontworpen plafond met vier medaillons die komedie, drama, melodrama en romantisch drama voorstellen, de vier operagenres die Verdi’s specialiteit waren. Hoewel Verdi, bekend om zijn spaarzaamheid tot krenterigheid voor veel dingen, tegen de bouw gekant was, hij vond het te duur en nutteloos voor de toekomst en hij heeft er nooit een voet willen binnen zetten, schonk hij toch 10.000 lire voor de bouw en handhaafde hij zijn eigen loge. Op de openingsavond was iedereen ter ere van Verdi en geïnspireerd door de betekenis van zijn naam, gekleed in het groen. De heren droegen groene sjaals en dassen, de dames droegen groene japonnen. Er werden twee Verdi opera’s gepresenteerd, “Rigoletto” en “Un ballo in Maschera”. En toch was Verdi, koppig als hij was, niet aanwezig ook al woonde hij slechts op een kleine afstand in zijn huis, de Villa Verdi, in het dorpje Sant’Agata in Villanova sull’Arda.

In 1913 dirigeerde Arturo Toscanini er Verdi’s “Falstaff” voor de viering van de honderdste geboortedag van Verdi en verwierf op die manier fondsen voor een groot monument van de zittende componist als “contadino” op het plein van Busseto, ontworpen door Luig Secchi (1853-1921). Het theater werd uitgebreid en gerenoveerd in de jaren 1990, het werd een opnamelocatie van Franco Zeffirelli en het presenteert vandaag een regulier seizoen van operavoorstellingen.

Villa Verdi

In het ander nabijgelegen dorp Sant’Agata, in de provincie Piacenza, op drie kilometer van Busseto,  aan de overkant van de rivier Ongina, staat de Villa Verdi, de boerderij die Verdi in 1848 aankocht toen hij nog in Busseto woonde. Zijn voorouders waren afkomstig uit dat dorp. Zij waren er sinds de 16de eeuw kleine landeigenaren, pachters en herbergiers en zijn ouders woonden er tot 1851. Daarna liet Verdi het verbouwen en uitbreiden met twee vleugels, werd het zijn eigen boerderij en het woongedeelte werd met uitzondering van een verblijf in Parijs en de winters die hij doorbracht in het Palazzo Doria in Genua, voor de rest van zijn leven zijn luxueuze woonst. Na het overlijden van zijn (tweede) vrouw Giuseppina in 1897 verbleef Verdi er weliswaar almaar minder en minder. De maestro overleed overigens in een hotelsuite van het Grand Hotel in Milaan. De villa met de originele meubels in “Louis Philippe” stijl is omgeven door een romantisch park met bomen van exotische herkomst. Onder de relieken zijn de piano’s, het portret van de jonge Giuseppina uitgevoerd in stucwerk uit Tenerani, handschriften van Manzoni, foto’s, de muziekbibliotheek van Verdi en vele andere suggestieve herinneringen. Opvallend tussen alle meesterwerken van de Italiaanse beeldhouwkunst van de negentiende eeuw is de buste gemodelleerd in terracotta in 1872 door de Napolitaanse beeldhouwer Vincenzo Gemito (1852-1929). Grenzend aan de kleedkamer is de ruimte waarin het bed uit het Grand Hotel in Milaan staat waarin Verdi op 27 januari 1901 overleed.

Herontdekking van de mens, zijn werken, de mythe!

In Busseto is er nu ook het Verdi Museum. Het is prachtig. Een prestigieus paleis uit de 16de eeuw, de Villa Pallavicino, ondergedompeld in een grote tuin, omgeven door een oude sloot, in de stilte van Busseto’s platteland. Dit is wat u aantreft bij een bezoek aan het nieuw Giuseppe Verdi Nationaal Museum in zijn woonplaats Busseto. Het is de viering van Verdi’s genie. Het is de herontdekking van de mens, zijn werken, de mythe!

Alle  opera’s van de “Zwaan van Busseto” worden voorgesteld langs een historisch pad met de originele decors van de Casa Ricordi, de 18de eeuwse omgeving met de schilderijen van de Venetiaanse schilder Francesco Hayez (1791-1882), de theaterverlichting en de eeuwige muziek die de bezoeker in een intense romantische sfeer brengt. Het pad werd gecreëerd door de niet meer zo jonge maar wereldberoemde decorontwerper en regisseur Pier Luigi Pizzi (°1930). Van Nabucco tot Il Trovatore en Rigoletto, van Traviata tot Aida en Otello, van Macbeth tot Falstaff, wordt u ondergedompeld in het leven en werk van de Maestro. De kostuums van Verdi’s heldinnen, Verdi’s lounge, de muziekkamer en de ruimte rond het  Requiem ter ere van Rossini en Alessandro Manzoni, completeren het pad. De muziek speelt en de audio-gidsen in vier talen met de woorden van kunstcriticus Philippe Daverio, geven een historisch beeld van  mensen en feiten die Verdi hebben beïnvloed. De ruime kamers van het museum zijn ook de perfecte plek voor bezoeken door groepen, scholen en muziekverenigingen.

Evenementen van groot artistiek en cultureel belang

Sinds de 19de eeuw zijn Verdi’s meesterwerken opgevoerd in grote theaters over de hele wereld (van Milaan tot Londen, van Sidney tot Peking, van New York tot Tokyo). Ze blijven opgevoerd omwille van de schoonheid en charme van de theatrale handelingen, voorzien van zijn sublieme en universele muziek die de harten veroverde en gelukkig blijft veroveren, van veel mensen in de vijf continenten. Het wetenschappelijk comité van het Museum organiseert jaarlijks verschillende evenementen van groot artistiek en cultureel belang: live-uitzendingen van opera’s vanuit de belangrijkste theaters ter wereld, recitals met bekende artiesten en grote concerten in de tuin van Verdi zijn onderdeel van het programma. De Villa Pallavicino is een Renaissance gebouw buiten de stadsmuren van Busseto. De villa heeft een bijzonder schaakbord plan dat het wapenschild van de  heren van het marchesato Busseto symboliseert. Dit had een schaakbord op de borst van de keizerlijke adelaar. De villa is onderverdeeld in vijf ruimten, verbonden door een uniek centraal gedeelte dat een grote entree hal overkoepeld, genaamd “Boffalora”.

In het jaar 1543 was de Villa Pallavicino overigens gastheer voor de historische ontmoeting tussen Keizer Karel V en de Farnese paus Paulus III. Het museum  biedt een info-punt, garderobe, audiogidsen in vier talen, rondleidingen na reservering, een winkel en een boekhandel met een breed scala aan souvenirs, muziekproducten en didactisch wetenschappelijke boeken, een café met bediening, een muziekkamer die gebruikt wordt voor evenementen, conferenties, seminaries en workshops en er is de Verdi tuin, een prachtige omgeving, geschikt voor mijmering en ontspanning onder de mooie bomen.