Muziektheater ‘Achter ’t eten’

Muziektheater Achter t eten

Op 28 mei 2003 ging in de Minardschouwburg in Gent de muziekvoorstelling ‘Achter ’t eten’ in première, het resultaat van de vierde samenwerking tussen theatermaker Eric De Volder en componist Dick van der Harst. Het was een coproductie tussen toneelgroep Ceremonia (nu het KIP), het muziek LOD (nu LOD muziektheater) en Theater Zuidpool. ‘Achter ’t eten’ werd bekroond met de Grote Theaterfestival Prijs 2004 en de Interprovinciale Prijs voor Letterkunde 2005. Exact tien jaar later wordt deze voorstelling hernomen op vraag van het Theaterfestival, in het kader van de reeks ‘Golden Oldie’: de heropvoering van een klassieker uit de Vlaamse theatergeschiedenis.

Op 28 mei 2003 ging in de Minardschouwburg in Gent de muziekvoorstelling ‘Achter ’t eten’ in première, het resultaat van de vierde samenwerking tussen theatermaker Eric De Volder en componist Dick van der Harst. Het was een coproductie tussen toneelgroep Ceremonia (nu het KIP), het muziek LOD (nu LOD muziektheater) en Theater Zuidpool. ‘Achter ’t eten’ werd bekroond met de Grote Theaterfestival Prijs 2004 en de Interprovinciale Prijs voor Letterkunde 2005. Exact tien jaar later wordt deze voorstelling hernomen op vraag van het Theaterfestival, in het kader van de reeks ‘Golden Oldie’: de heropvoering van een klassieker uit de Vlaamse theatergeschiedenis.

Met enige reserve stapte ik naar de voorstelling. De dagen, de seizoenen, de jaren zijn elkaar opgevolgd. Alles verandert zo snel. Niet alleen in de wereld rondom ons, maar ook in het theater, het mechanisme van tijd en ruimte. Zou deze voorstelling niet gedateerd zijn? 

Was Eric De Volder een beeldend kunstenaar, auteur en regisseur naar wie opgekeken werd voor zijn dood, dan moeten we nu met ootmoed bekennen dat hij zijn tijd ver vooruit was. Een artiest met oog voor cultuur, karakter en onze kleinburgerlijke geschiedenis. De tekst vloeide uit een geïnspireerde pen, is niets gedateerd, maar spijtig genoeg nog brandend actueel. Ze slaan ons gewoon met berichten om de oren van kinderen die misbruikt en niet gehoord worden! De enscenering is magisch en de vertolking blaast je van je sokken.

Intieme setting

De Rode zaal van deSingel werd voor deze voorstelling omgetoverd in een intieme setting. Dat heeft het stuk wel nodig. Het publiek mocht plaats nemen op een tribune opgebouwd op de scène. Qua enscenering wordt hier meesterschap met eenvoud verzoend. De speelvloer, een vierkant, wordt ingenieus uitgelicht. Het centrum baadt in een obscuur duister, de wereld van de moeder vertolkt door Ineke Nijssen, met daarrond een soort gangpad.

De wereld van de dochter gespeeld door Marijke Pinoy. Als in een eeuwige tredmolen loopt ze rondjes en rondjes op zoek naar vergetelheid, vergelding. Een heuse marathon maalt ze af, een uitputtingsslag. Fysiek moet ze heel diep gaan. Geen schoonheid, geen glans, maar de controverse en de wreedheid van het leven wordt getoond.

Minimalistische muziekinbreng

De minimalistische muziekinbreng vormt een mysterieuze cocon en dwingt de geest te focussen op één plek, het monotone ritme van Marijke Pinoy die de slechte ervaringen en herinneringen van zich wil afschudden. Componist Dick van der Harst stelde zich compleet ten dienste van de regisseur, wil zelf niet uitblinken. Hier en daar ondersteunt hij de actie met flardjes muziek, licht en ijl. Ongrijpbare klanken die de sfeert nog unheimlicher maken.

Marijke Pinoy en Ineke Nijssen zijn zwaar geschminkt, waardoor ze een licht demonische uitstraling hebben. Beide actrices gooien zich in het spel, elke zenuw, elke porie staat open. Met een perfecte stembeheersing kruipen ze van het ene personage in het andere: de bange moeder wordt de autoritaire vader; het kleine meisje de bulderende  commissaris. Tweemaal kwetsbaarheid versus brutaliteit. Die omschakeling gebeurt kundig, geraffineerd, evenwichtig. Het wisselende stemgebruik man/vrouw fascineert. Dit alles in een vloeiende dictie en duidelijke bewoordingen. De hypocrisie van de samenleving wordt in zijn blootje gezet. Niets is wat het lijkt. Achter de mooie façade woekert verloedering, gewetenloosheid.

Een paar keer wordt de spanningsboog van het spel onderbroken voor lyrische rariteiten, waarbij de componist serieus beroep doet op de toonvastheid van de actrices die, a capella, op een onnavolgbare droge en komische wijze een soort van riedel zingen.

Het stuk eindigt met een processie. Onder luid klokkengebeier gaat de moeder, moegestreden erbij liggen: “Nu moet ik even rusten’ zegt ze. De dochter vlijt zich mee in haar schoot. Het spel is gespeeld.

Midden in de roos

Marijke Pinoy en Ineke Nijssen staan niet constant in de belangstelling, maar wanneer hun naam opduikt in een productie is het telkens prijs, een vertolking midden in de roos. Inventiviteit, creativiteit en inlevensvermogen op zijn best.  Je wordt als toeschouwer het spel ingezogen. Dit stuk mag zeker niet in de vergetelheid geraken. De beide actrices doen de nalentenschap van Eric De Volder, samen met componist Dick van der Harst, alle eer aan. 

In het seizoen 2015-2016 volgt een tournee. Wie graag op schattenjacht gaat: ‘Achter ’t eten’ is een absolute aanrader.

Gerelateerde Artikelen

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: