Mozart Trilogie in de Munt aflevering 2

Vrolijke ontucht op de school voor minnaars – Cosi fan Tutte

Met een pittige Cosi fan Tutte als tweede luik van de Mozart/ Da Ponte Trilogie revancheerden dirigent Antonella Manacordi en zijn equipe zich voor de toch wel teleurstellende Figaro van dinsdagavond. Het begon al meteen goed. De ouverture kwam de bak uit geswingd, vol anticipatie op wat komen ging.

Dat was een goedlopende en bij vlagen hilarische voorstelling die van begin tot eind boeide. Met een prima samenwerkend ensemble overtuigend aangevoerd door de sopranen Lenneke Ruiten en Ginger Costa-Jackson als de zusjes Fiordili en Dorabella. Met bas Ricardo Alonso als een fijne cynische Don Alfonso en bas Iurii Samoilov en tenor Juan Francisco Gatell als de vertwijfelde en bedrogen lovers Guglielmo en Ferrando. En dan was er nog Caterina di Tonno als roddeltante Despina.

Ook nu kwamen we weer terecht in dat enorme ronddraaiende flatgebouw op het podium (zie de recensie van Le Nozze di Figaro), maar dit keer werden media en nevenactiviteiten wat meer gedoseerd ingezet. Of waren we er al aan gewend? De overzichtelijkheid nam daardoor toe.

De vraag “In welke voorstelling van de Trilogie bevind ik mij eigenlijk” kwam dit keer niet in mij op. Dat kwam vermoedelijk door de kleinere schaal van deze opera die maar zes rollen kent in tegenstelling tot de veertien van Le Nozze. Maar vooral door de kracht van het verhaal.

Cosi Fan Tutte is een echte komische opera. Een ijzersterke opera buffa rond de thema’s van trouw en seksualiteit, waarin de vrouwelijke trouw gewogen en te licht bevonden wordt. We zien een spel van verleiding, afstoten en aantrekken, overgave en uiteindelijk berusting, zonder het opgeheven vingertje dat men aan het eind van de 18de eeuw nog niet kende. Moeten we kiezen voor het avontuur of toch voor zekerheid? We krijgen geen antwoord op deze vraag. Over één ding kan geen twijfel bestaan: de ware onbetrouwbare natuur van de vrouw overstijgt goed en kwaad en kan niet bestraft worden. Wij mannen hebben die maar te accepteren.

De ondertitel van de opera is niet voor niets La Scuola degli Amanti, want het leven is een leerschool. Aan het eind van de opera heeft Don Alonso ondanks zijn cynisme de jeugd toch wat bijgebracht: zo zijn de vrouwen nu eenmaal, take it or leave it!

De regisseurs van >Le Lab geven een zeer eigentijdse invulling aan dit verhaal: de zussen zijn influencers op Youtube. Ze houden zich bezig met yoga en make-up. Hun minnaars werken bij de brandweer en Alonso (oorspronkelijk een oude filosoof) is genderfluïde. O ja, Despina heeft een modezaak.

Het is hip, cool en sexy. Feit blijft dat Mozart en Da Ponte een onontkoombaar kunstwerk hebben geschapen dat zich niet goed in een moderne jurk laat passen, hoe bloot die ook is. Sex in een stapelbed, een vastgeketende dame in een bordeel (vermoedelijk van Don Giovanni, we zullen het zaterdag zien), pikant uitgedoste en soms half ontkleedde dames die wat tegen heren staan op te rijden, hier en daar live gefilmd en uitvergroot. Het levert natuurlijk best prikkelende beelden op. Het oog wil ook wat. Het komt hier ruimschoots aan zijn trekken. Liever dit dan een ronddraaiend bejaardenhuis zullen we maar zeggen, wat trouwens net zo legitiem zou zijn, want er staat geen leeftijd op de leerschool van de geliefden.

Mozart en Da Ponte eisen echter ook meer dan tweehonderd jaar na dato de volle aandacht op. Onwillekeurig word je meegesleept door muziek en verhaal. Gaandeweg verliezen al die moderniteiten hun betekenis en blijft de kern van het verhaal over.

Alleen tijdens de recitatieven verslapte de aandacht. Ze vormden een verwaarloosd deel van de voorstelling. Vreemd, want het zijn meer dan dertig en ze spelen een belangrijke rol in de verhaallijn met hun krachtige teksten. Maar ze werden ronduit saai begeleid, waardoor vooral in de tweede akte de vaart er even uit raakte. Daar zou je toch veel meer van kunnen maken.

Het mocht de pret niet drukken. Het ensemble werkte zich met overtuiging door de aria’s, duetten, trio’s enzovoorts heen en zorgde voor een onderhoudende avond.

Met toch wel wat kanttekeningen. Hoeveel vaart er ook in de voorstelling zat, het kon niet verhullen dat Lenneke Ruiten niet over de juiste stem beschikt voor het vocale geweld dat de rol van Fiordiligi vraagt. We weten dat Mozart zijn rollen altijd op het lijf van een zanger of zangeres schreef. In dit geval was dat La Ferrarese de minnares van Da Ponte, die in theaterkringen weinig geliefd was en aan wie Mozart een grondige hekel had. Ferrarese was beroemd om de enorme reikwijdte van haar stem en haar vreemde mimiek tijdens het zingen. Ze had dan wel wat weg van een kalkoen, schijnt het. In de aria’s die Mozart voor haar schreef zorgt die zangtechniek juist voor een komisch effect. Daarvan was helaas niet veel te merken.

In de aria Come Scoglio immota resta (mijn trouw staat als een rots) had Ruiten moeite met die enorme intervallen over het hele register. Laag was nauwelijks hoorbaar maar ook het hoog was veel te zacht. Van wie zingt dat haar liefde sterk als een rots is, mag je toch een wat krachtiger interpretatie verwachten. Vuurwerk willen we! Het moet gewoon knallen! Er viel nu weinig te beleven en al helemaal niets te lachen. Jammer.

Ook haar andere aria Per Pieta kon me niet zo bekoren. Ook daar een veel te zwak laag register. Ze wist het echter goed te verbergen door haar flair en oogstte desondanks een stevig applaus.

Caterina di Tonno zette een grappige Despina neer. Maar tegen haar goede acteerwerk stak haar vocale prestatie mager af. Ze was slecht te horen en ging in de ensembles kopje onder. Over Ginger Costa Jackson dit keer niets dan goeds. Na een zware rol als Cherubino eergisteren zette ze nu op een overtuigende manier een van de hoofdrollen neer. Het zwakke zusje Dorabella, dat wel van een verzetje houdt, was levensecht. Daarvoor kun je alleen respect hebben.

De mannenstemmen waren goed bezet. Brandweerman Guglielmo de Oekraïense bas Samoilov beschikte over een welluidende kernachtige stem. Hij was hier en daar een tikkeltje te sterk voor zijn collega Ferrando de tenor Gatell, maar dan had die maar wat luider moeten zingen.

Novaro als Don Alonso was een genot om naar te luisteren en te kijken met zijn krachtige, goed dragende stem en efficiënt acteerwerk. Genderfluïde? Niets van gemerkt! Hier zag je cynische maar ook verstandige oudere heer, die uiteindelijk als de enige echte brandweerman het vuur bij de jongelui weet te doven.

Ondanks deze kleine tekortkomingen (er valt natuurlijk altijd wel wat te mopperen) was Cosi Fan Tutte een onderhoudende en leerzaam avondje op de Scuola degli Amanti.

Wordt vervolgd


  • WAT: Mozart Trilogie in de Munt aflevering 2– Cosi Fan Tutte
  • BEZETTING:

Muzikale leiding – Antonello Manacorda
Regie en kostuums – Jean-Philippe Clarac & Olivier Deloeuil (Clarac-Deloeuil > Le Lab)
Decor – Rick Martin
Belichting – Christophe Pitoiset
Video – Jean-Baptiste Beïs & Timothée Buisson
Artistieke medewerking – Lodie Kardouss
Grafiek – Julien Roques
Dramaturgie – Luc Bourrousse
Koorleider – Alberto Moro

  • STEMMEN:
    Fiordiligi: Lenneke Ruiten
    Dorabella:Ginger Costa-Jackson
    Guglielmo: Iurii Samoilov
    Ferrando: Juan Francisco Gatell
    Despina: Caterina di Tonno
    Don Alonso: Riccardo Novaro
  • ORKEST & KOOR: Symfonieorkest en Koor van de Munt
  • WAAR & WANNEER: De Munt, Brussel,
  • FOTO’S: © De Munt – Forster

Gerelateerde Artikelen

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: