Lunalia, De rest is stilte: ‘Breathings’

Kiya Tabassian in residentie bij het Festival van Vlaanderen Mechelen is een veelzijdig artiest. Zijn roots liggen in Iran waar hij zijn initiële opleiding in Perzische muziek genoot. Hij emigreerde in 1990 naar Montreal. In 1998 was hij mede-oprichter van Constantinople, een ensemble uit Montreal dat een internationale reputatie heeft opgebouwd vanwege de unieke combinatie van vroege muzikale bronnen: het muzikale erfgoed van de Middeleeuwen en de Renaissance, van Mediterraan Europa en het Midden-Oosten.

Met dit gezelschap veroverde hij een bevoorrechte plaats op de internationale muziekscene. Vanuit Canada richt hij zijn blik op de wereld. Als meester in interculturele ontmoetingen reist hij door de vijf continenten. Door de lens van onderzoek en creatie werkt hij samen met toonaangevende artiesten uit de internationale scene.

Hij zette zich in voor tal van eclectische projecten als componist, performer en improvisator. Dit vertaalt zich in warme en authentieke muzikale voorstellingen, nu te zien en beluisteren tijdens Lunalia.

Dat hij nauwe banden heeft met de natuur verraadt zich alleen al in zijn uiterlijk. In deze voorstelling neemt hij het publiek mee in drie oeroude tradities: Tuviaanse keelzang, uniek klinkende gebeden van de Mi’kmaq, een inheems volk van Canada in het oosten van Noord-Amerika en Perzische melismatische zang. Deze drie zangtradities werden in dit concert samengebracht door drie afstammelingen van deze oeroude tradities: Kiya Tabassian zelf, Darlene Gijuminag en Amartuvshin Baasandorj. Ze komen uit heel verschillende artistieke omgevingen en tradities.

De rijk gearrangeerde melodieën en variatie in instrumentatie geeft het geheel een aparte dynamiek. Op het gebied van ontdekkingen met stip te noteren.

Breathings

Het oorspronkelijke idee voor Breathings groeide uit een ontmoeting tussen Kiya en percussioniste/singer-songwriter Darlene Gijuminag, waarbij zij samen het belang van de natuur aanhaalden. De Mi’kmaq hebben een zeer sterke traditie met de natuur en een sterk geloof in het behoud en respect voor de omgeving.

Klanken uit de natuur resoneren vaak in muziek: het ruisen van de bladeren in de bomen, de zang van een vogel, het klateren van een beekje, de wind die door de valleien waait, de adem van de mens…

Ademen maakt leven mogelijk. De adem laat blaasinstrumenten klinken. Ademen maakt zingen mogelijk. Elke cultuur heeft een eigen zangtraditie.

Tijdens die eerste sessie zong Darlene en begeleidde zichzelf op Mi’kmaq trommels en Kiya musiceerde in melismatische stijl met Perzische gedichten en setar als respons op haar liederen. Ze haalden er nog enkele mensen bij.

Amartuvshin, met zijn meesterlijk uitgevoerde Tuvaanse keelzangen, die geluiden uit de natuur nabootsen, werd uitgenodigd om hun project nog verder uit te breiden met teksten en gedichten uit zijn traditie.

De Tuviaanse bevolking, een autonome republiek binnen de Russische Federatie dat pal in het centrum van Azië ligt, leidt net zoals de Mongolen nog steeds een nomadisch bestaan en is sterk afhankelijk van de natuur en het landschap.

Tuva, een vorm van circulair ademen en boventoonzang waarbij naast de gezongen grondtoon hoge fluitende tonen tegelijk worden voortgebracht door bewust gebruik te maken van frequentie-intervallen.

De zangers proberen de klanken van de natuur te imiteren zoals dieren, de bergen, rivieren en beken en de harde wind die door de steppe waait. Hij put daarbij uit traditie en het collectieve geheugen. Al deze elementen zetten Kiya Tabassians muzikale verbeelding in gang met als resultaat Breathings.

Kringloop

Bij het begin van de voorstelling schaarden de musici zich in een kring. Een zacht tromgeluid, als een hartritme, het pulseren van het bloed door de aders zette dit magnifieke concert in.

Darlene Gijuminag beroert verder de trom en zingt een eerste lied, een melodie met veel uithalen en glottisslagen van de stem. De drie stemmen werden begeleid en verrijkt met de contrabas, etnische percussie zoals de setar, de kanun, de tobshuur luit en de ney.

De ney, een rietfluit die aan het uiteinde wordt aangeblazen en misschien wel het oudste muziekinstrument ter wereld genoemd kan worden. Kianoush Khalilian is een fascinerend fluitspeler. Met zijn adem laat hij met zachtheid en gevoel het instrument spreken, de bezwerende en dan weer ijle klankpatronen, het melancholische geluid voert je mee. 

De interactie tussen de setar, een houten langhalsluit hét instrument van Kiya Tabassian en kanun, een planksitar met 26 snaren die bespeeld wordt door Didem Basar is zalig om naar te luisteren.

Het mooie is hoe instrumenten uit verschillende culturen, oude zowel als nieuwe, harmonieus samenklinken van uitbundig tot sereen, gedragen en traag, levendig naar een onwijs gaaf accelerando. Stuk voor stuk virtuoze instrumentalisten. De verschillende stijlen en manieren van zingen zijn intrigerend en verrassend.

Op de scène van de Stadsschouwburg ontplooide zich een muzikale wereldkaart in een unieke sfeer van wederzijds respect en waardering. Een muzikale performance die interculturaliteit omarmt en viert. Alles gloedvol gespeeld tot in het fijnste detail en met de opperste speelvreugde. Een unieke sound, muzikaal vuurwerk.

Breathings werd niet zo massaal bijgewoond. Daar hoort maar één kanttekening bij: “ Les absents ont tort!’.

WIE: Constantinople o.l.v. Kiya Tabassian

WAT: Breathings — concert Festival van Vlaanderen Mechelen: Lunalia

WAAR: Stadsschouwburg, Mechelen

WANNEER: dinsdag 26 april 2022

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: