Klassiek Centraal

Luc Brewaeys: een leven van klankkleur, klokken en exuberante dingen

BREWAEYS UNFOLDING is de titel van een project gewijd aan de hyperkinetische Vlaamse componist Luc Brewaeys (1959 – 2015). Met een tentoonstelling, catalogus en een webpagina zijn de samenstellers erin geslaagd de kleurenpracht van zijn muzikale parcours actueel te houden.

MATRIX (Centrum voor Nieuwe Muziek) in Leuven is de aanjager van dit project, in samenwerking met KU Leuven Bibliotheken, de Onderzoeksgroep Musicologie en het Universiteitsarchief van de KU Leuven. Ook SPECTRA Ensemble, Odysseia Ensemble en radio Klara droegen steentjes bij. Aanleiding is de overdracht van Brewaeys’ artistieke archief aan het Universiteitsarchief van de KU Leuven. De bedoeling is dat het archief een brede interesse voor Brewaeys’ muziek gaat aanwakkeren en nieuwe onderzoeksinitiatieven op gang trekt.

Het meest in het oog springt de tentoonstelling in de expositieruimte van de Leuvense Universiteitsbibliotheek. De bezoeker heeft twee zalen tot zijn beschikking om zich te laten prikkelen door foto’s, brieven, aantekeningen, commentaren, info-panelen, een video en vitrines met partituren. De partituren laten zien dat Brewaeys’ oog voor detail en zijn neiging om zoveel mogelijk noten in een maat te persen geen bijkomstige eigenschappen zijn. Maar al het materiaal, van kalligrafisch opgeschreven notities tot praktische aanwijzingen voor de degustatie van malt-whisky, wijst in de richting van een kleurrijk persoon wiens blikveld bestond uit geluiden, al dan niet in wolken confetti. Opvallend is dat zijn rijkdom aan ideeën zich nauwelijks manifesteerde in aantekeningen en probeersels maar rechtstreeks hun weg vonden in de partituren en vooral in de uitvoeringspraktijk. Een afvoerslang, flessenorgel, badkuip, extra galm uit galmgeneratoren — alles voor de klankkleur. Voor de hand liggend was zijn grote liefde voor het orkest, maar dan wel het orkest waarin alles beweegt, alles nerveus is. Dus een beetje als hemzelf. En met electronica kon hij naar believen zijn favoriete klokachtige klanken toevoegen of nieuwe akkoorden ontwikkelen door noten vast te houden of eindeloos te verlengen.

Veeleisend

Brewaeys maakte het zijn musici niet gemakkelijk. Een trompettist moest in staat zijn een lange glissando te spelen, wat een bovenmenselijke beheersing van lipspanning, luchtdruk en subtiele manipulatie van de ventielen vereist. En in een saxofoonpartij werd van de musicus verwacht dat hij tegelijk gedurende 7 minuten een alt en een tenor saxofoon bespeelde, wat alleen mogelijk is met de hulp van de techniek van circulaire ademhaling. In 2011 werd zijn inzending voor het verplichte werk van de halve finales van de Koningin Elisabethwedstrijd voor (solo)zang afgekeurd omdat het “moeilijk “ zou zijn. Maar als vanzelfsprekend verkoos radio Klara hem twee jaar later tot Musicus van het jaar.

De samenstellers hebben gelukkig ook een hoekje ingeruimd voor opera. Hoewel hij grote bezwaren had tegen de theatrale aspecten van opera, kon Brewaeys niet aan de verleiding weerstaan om op verzoek van de toenmalige intendant van De Munt, Bernard  Foucroulle, de opera L’uomo dal fiore in bocca (tekst Luigi Pirandello ) te componeren (2006). Het is het verhaal van een man die een bijzondere tumor –in de vorm van een bloem op zijn mond– heeft en in het aangezicht van de dood een veranderende kijk op het leven ontwikkelt. Hij proeft het sap van een abrikoos anders dan vroeger en hij ziet in pakpapier nieuwe esthetische horizonnen. In deze opera gebeurt niet veel en dat schiep voor Brewaeys ruimte om muzikaal uit te pakken met een mengeling van het klassieke zangspel en een concerto voor tuba, inclusief een solo. Ook koos hij voor Sprechstimme om de tekst zo nauwkeurig mogelijk op de muziek te kunnen plakken. En de chaotisch orkestratie aan het einde verklankt hoe de protagonist worstelt met de aanvaarding van zijn naderende einde.

Internationaal

Brewaeys zocht bewust internationale contacten. Niet alleen om van te leren maar ook om zijn eigen werk bekend te maken. Zo heeft hij eens enkele partituren gestuurd aan de Britse componist Brian Ferneyhough, grootmeester in complexiteit. Uitgerekend hij wees Brewaeys erop dat hij onder de indruk was van zijn technische capaciteiten maar niet zo goed kon vatten waarom hij zoveel trucs uithaalde. Op vier lange getypte vellen papier kan de bezoeker van zijn twijfels kennis nemen:  was die virtuoze acrobatiek in al die dichtgemetselde maten bedoeld om zoveel mogelijk informatie te geven of om verwarring te scheppen? En welke functie hebben al die repetitieve bewegingen, om tijd te vullen misschien?

De tentoonstelling wordt gecomplementeerd met een online versie waarop ook een uitgebreide playlist met Brewaeys’ muziek te vinden is. Wie goed zoekt, vindt elders op de webpagina ook een video van de solo Very Saxy met Dominique Spriet op de bassaxofoon.

Tot slot is er een prettig vormgegeven tentoonstellingscatalogus die ook dient als een liber amoricum. Twaalf bijdragen variërend van persoonlijke herinneringen, musicologische analyses en twee interviews geven een compleet beeld van Brewaeys als musicus, docent, dirigent, inpirator, levensgenieter en bovenal als mens. “Ook in de muziek ben ik een levensgenieter”, zegt Luc Brewaeys in een interview, “ik hou van leuk klinkende exuberante dingen”.

WAT: BREWAEYS UNFOLDING, project van MATRIX (Centrum voor Nieuwe Muziek)
WAAR: Tentoonstellingsruimte van de Universiteitsbibliotheek, Mgr. Ladeuzeplein 21, 3000 Leuven. Donderdag – Zondag van 10h tot 17h, tot en met 12 juni 2022. Toegang: € 2
BOEK: BREWAEYS UNFOLDING, €8 (met ticket)
ONLINE EXPO: www.brewaeysunfolding.be
WIE : Curatoren: Ann Eysermans, Melissa Portaels
Online expo: Klaas Coulembier, Melissa Portaels
Boek: Ann Eysermans, Rebecca Diependaele
Podcast: Gerrit Valckenaers
Vormgeving: Klaas Coulembier

Volg ons op social media

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in:

Laatste berichten

Meer lezen ?

Introductiegidsen

Steun Klassiek Centraal via JPC