John Cage, uitvinder van beeldende muziek

Inhoudsopgave

Vandaag is het dertig jaar geleden dat John Cage overleed. Blijmoedig existentialist, beroeps enfant terrible, onschuldige boyscout – Cage was alles. En als dat nog niet genoeg zou zijn geweest, had hij het wel uitgevonden.

John Cage (1912 – 1992) was componist, tekenaar, schilder, dichter, zenboeddhist, uitvinder en champignonkenner (mycoloog). Een culturele en intellectuele alleseter, die leefde van dag tot dag. Muziek beschouwde hij niet als verstrooiing of vermaak, maar als een ontdekkingsreis naar geluiden uit de directe omgeving, los van interpretatie en manipulatie. Hij wilde geluiden in hun recht laten. Een groot deel van zijn nieuwsgierigheid haalde hij uit het zenboeddhisme, gericht op eenvoud, alledaagsheid, ongebondenheid en rust in het hoofd. Verbazing was hem aangeboren, zijn vader was uitvinder van onderwatervaartuigen, zijn moeder journalist.

Wereld van alledag

Na zijn muziekopleiding bij Henry Cowell en Arnold Schönberg begon Cage halverwege de jaren ’30 van de vorige eeuw zijn carrière bij de Universiteit van Californië als componist bij de dansafdeling. Hier ontwikkelde hij een scherp oog voor de breedte van het artistieke landschap. Dans gaf Cage de eerste aanzetten naar combinaties van ritme, structuur en samenwerking. Eind jaren ’30 kreeg hij een aanstelling bij de Cornish College of the Arts in Seattle. Daar werd hij sterk beïnvloed door de danser en choreograaf Merce Cunningham, die later zijn levenspartner zou worden. Cage noemde Cunninghams werk “zeker geen voorbeeld van de gespecialiseerde en gefragmenteerde kunstwereld maar integendeel van de open en onvoorspelbare wereld van alledag”. Beiden zagen de wereld als veelvoudig, onbepaald en veranderlijk. De twee leunden sterk op het gebruik van toevalmethoden om te voorkomen dat zij als kunstenaars hun persoonlijke interpretaties aan het publiek zouden gaan opdringen.

Toevalsoperaties

In de jaren ’40 vestigde Cage zich in New York. Daar had hij veel contact met beeldend kunstenaars als Max Ernst, Piet Mondrian, André Breton, Jackson Pollock, Marcel Duchamp en Mark Tobey. Cage was onder de indruk van de wijze waarop Tobey toeval gebruikte in zijn schilder en tekenkunst. Maar de componist Christian Wolff liet zien hoe Cage het element toeval concreet kon gebruiken. Volgens het Chinese klassieke werk I Ching moet de vraagsteller zes keer drie munten opgooien en een antwoord formuleren volgens de volgorde die de laatste worp oplevert. “Ik gebruik toevalprocedures om te voorkomen dat de uitkomst wordt beïnvloed door mijn persoonlijke voorkeur”, zei Cage, “dit stelt mij in staat nieuwe paden die ikzelf nooit voor mogelijk had gehouden, in te slaan.”. De relevantie van die aanpak staat of valt met de kwaliteit van de vraagstelling. Bij zijn grote pianowerk Music of Changes (1951) was de vraagstelling bijvoorbeeld welke toonaard hij moest gebruiken, ervan uitgaand dat alleen witte toetsen konden worden ingezet. Maar bij Etudes Australes (1974-75) werden de toevaloperaties toegepast op de vraag in welk geval individuele sterren of groepen aan bepaalde toonaarden moesten worden gekoppeld. Vanaf 1951 zou Cage de in I Ching beschreven methoden gebruiken voor het grootste deel van zowel zijn muziek als zijn beeldende kunst.

Stilte om te luisteren

Dat voor het gebruik van toeval niet altijd een methode hoeft te worden gebruikt bewijst de compositie 4’33” (1952), een driedelig stuk van inderdaad ruim vierenhalve minuut voor piano (of orkest). Gedurende dit stuk zal de musicus de toetsen van het klavier niet indrukken. De pianist laat dus geen muziek horen. “Absoluut belachelijk”, “dom”, “goedkope truc”, “nieuwe kleren van de keizer”. Dat waren eerste reacties, die ook nu nog regelmatig opkomen. Het zijn commentaren op een stuk dat het element stilte tot het uiterste drijft maar tot doel heeft het publiek te laten luisteren. Cage over de première: ” Stilte op zich bestaat niet. Gedurende het eerste deel kon je de wind buiten horen spelen. In het tweede deel begon de regen op het dak te tikken. En bij het derde deel maakten de toehoorders allerlei interessante geluiden als ze met elkaar praatten of naar buiten liepen”. Cage heeft met deze compositie onbedoeld het begrip framing geïntroduceerd door onvoorspelbare omgevingsgeluiden te groeperen in een welbepaald tijdvak. En eigenlijk wilde hij laten zien dat alle geluiden vanuit zichzelf voldoende potentie hebben om muziek te zijn.

Als uitvinder is hij vooral bekend geworden met het begrip prepared piano. Hier wordt het binnenste van het instrument drastisch verbouwd. Hamers worden voorzien van spijkers, rubbers, punaises en snaren worden met elkaar verbonden door elastiek, respectievelijk bijgesteld met luciferstokjes. Aldus transformeerde Cage de piano in een percussie-instrument – zijn oude liefde. Zijn Sonatas and interludes (1946-48) is een klassieker in het genre.

Meer intonatie, minder melodie

Sinds kort beleeft zijn Number Pieces, ongeveer 40 stukken geschreven tussen 1987 en 1992, een revival. De nummering van deze meditatieve verkenningen refereert aan de hoeveelheid musici die elk stuk nodig heeft. Nieuw is dat de musici zelf kunnen bepalen hoe lang ze willen spelen, zij het binnen bepaalde grenzen. De melodielijnen in deze serie zijn bewust terughoudend, ze neigen meer naar intonatie. Cage wilde zich niet opdringen. Er is ruimte, die musici en toeschouwers mogen invullen.
Cage ging niets uit de weg om de grenzen van geluidskunst te verleggen. Cactussen, radio’s, roestige pannendeksels – alles heeft hij ingezet om de muziek als kunstuiting uit zijn technische, ambachtelijke en afstandelijke biotoop te trekken. Cage heeft de weg gebaand voor een meer inclusieve uitvoeringspraktijk die de luisterervaring heeft opgerekt en verrijkt. Of we het willen of niet, van Cage zijn we voorlopig niet af.

Luistertips:

  • Music of Changes – David Tudor, piano. Label: hat[now]ART 133
  • Etudes Australes – Sabine Liebner, piano. Label: WERGO (4 CD box) 
  • Sonatas and interludes – Kate Boyd, piano. Label: Navona records
  • Number Pieces – Apartment House. Label: Another Timbre (4 CD box)
  • In a landscape – Kate Boyd, piano. Label: Navona records

Onze partner JPC heeft een groot aanbod Cd’s en DVD’s van en met werken van john Cage, via deze link vindt u ze allemaal.

Kijktips:

Doe-het-zelf:

De app John Cage Prepared Piano for iPhone, iPad and Android. Zelf stukken op prepared piano componeren en delen op sociale media. 

https://www.johncage.org/cagePiano.html

Er is ook een app 4’33” (alleen iPhone), waarop de gebruiker zelf het stuk kan spelen, omgevingsgeluiden kan opnemen en delen. 

https://www.johncage.org/4_33.html

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: