Hindemith: Violin Sonatas

Hindemith, Viool Sonatas, Duo Lawson & Lawson

Eliot Lawson schrijft in zijn inleiding van de liner notes, dat hij het beu is om mensen uitvluchten te horen verzinnen om niet naar Hindemihts muziek te moeten luisteren. De muziek zou te droog, te moeilijk of te wiskundig zijn. Daarom nam hij deze cd op; een antwoord op deze voor-oordelen. Hij heeft een punt en maakt ook een punt met zijn interpretatie van de viool sonates. De muziek is niet droog, moeilijk of wiskundig maar spannend, elegant en emotioneel meeslepend. 

Eliot Lawson schrijft in zijn inleiding van de liner notes, dat hij het beu is om mensen uitvluchten te horen verzinnen om niet naar Hindemihts muziek te moeten luisteren. De muziek zou te droog, te moeilijk of te wiskundig zijn. Daarom nam hij deze cd op; een antwoord op deze voor-oordelen. Hij heeft een punt en maakt ook een punt met zijn interpretatie van de viool sonates. De muziek is niet droog, moeilijk of wiskundig maar spannend, elegant en emotioneel meeslepend. 

Paul Hindemith (1895 – 1963) is een belangrijke en representatieve componist voor de 20ste eeuw die i.t.t. de gangbare idee van atonaliteit en totaal dissonante notenreeksen, toegankelijke werken componeerde. Hij brak door in  1921 op de ‘Donaueschinger Kammermusik-Aufführungen zur Förderung zeitgenössischer Tonkunst’ zowel als componist als met het Amar Strijk Kwartet. De muziekpers was opgetogen: “Hindemiths compositie wordt gekenmerkt door een rijke originele gave voor vindingrijkheid en met een stoutmoedigheid van dispositie en compositie die toelaat om hem als een uitmuntend talent te erkennen” http://www.hindemith.info/leben-werk/biographie/1918-1927/

Daarvoor speelde hij eerst zowat overal tot hij concertmeester werd van de Opera van Frankfurt in 1915. De carrière werd voor twee jaar onderbroken om achter het front in een militaire band de soldaten wat vertier te brengen. Hij was pianist, percussionist  en vooral een (internationaal) gerenommeerde violist. Hindemith stond al snel als componist aan het hoofd van de avant-garde en voerde vrijheid en creativiteit hoog in het vaandel. Hij koos politiek geen kant – wat ook een keuze is – en kon relatief lang aan het werk blijven onder het naziregime.

Hij bekende zich tot de stroming van de nieuwe zakelijkheid. Een stroming die bij ons nog altijd bekend is door de werken van Willem Elsschot (o.a. Villa des Roses, 1913; De Verlossing, 1921; Lijmen/Het Been, 1938). Kenmerkend voor die stijl is dat de zakelijkheid een droge – droge! – zakelijke weergave van een realiteit lijkt, maar de schrijver maakt daardoor een ontroerende diepgang mogelijk. Denk maar aan de twee novelles, Tjip (1933)  en De leeuwentemmer (1939) waar de schijnbaar afzijdige grootvader wrang-ironisch een ontroerend portret schetst over zijn dochter, haar ‘Pool’, zijn eerste kleinkind en zijn eigen kleine zelf.

Dezelfde ironie, esthetische puurheid en bijna droge benadering van Hindemiths composities veranderen tijdens de uitvoering in ontroerende verhalen. Hij werd beïnvloed door vele stromingen waaronder de renaissance, de barok maar ook door Debussy en de late Duitse Romantiek. De laatste liet hij achter zich en Schoenbergs dodecafonische schepping nam hij niet over. Hij ontwikkelde hierdoor een eigen klank die soms aanleunde bij het volkse maar eigenlijk nooit volks was.  Dus, voor de Nazi’s was zijn muziek niet meer dan lawaai en moest hij zoals vele andere kunstenaars de wijk nemen. Eerst woonde hij in Zwitserland en later verhuisde hij naar de VS  waar hij belangrijke lesopdrachten kreeg. In 1953 kwam hij terug naar Europa, Zurich. Zijn muziek was breder geworden en bleef verrassend, toegankelijk (ook in de zin van aangenaam).

Zijn het de dissonaten, de ‘zakelijke’ maar soms doorgedreven emotie die de luisteraars afschrikken. Eliot Lawson schrijft in zijn inleiding dat vooroordelen zoals droog, moeilijk of wiskundig een potentieel publiek weerhouden om naar Hindemiths muziek te luisteren. Om het tegendeel te bewijzen – en gelijk heeft hij – nam hij een cd op met alle (4) sonates voor viool en piano die Hindemith heeft geschreven.

Het duo Lawson & Lawson

Eliot Lawson, geboren in Brussel maar met Luso-Amerikaans en Belgische nationaliteit, begon viool te spelen op zijn zevende. Hij kreeg les van een rits gerenommeerde leermeesters en studeerde af aan de conservatoria van Brussel en Amsterdam met grootste onderscheiding. Daarna verdiende hij nog heel wat titels en prijzen, na te lezen op zijn website: www.eliotlawson.com. Verder is hij een bezige bij die overal lijkt op te treden in verschillende bezettingen en als solist.

Deze cd nam hij op met zijn zus Jill Lawson. Zij werd geboren in 1974 in Mexico en groeide op in België. Ook zij heeft de muziek met de spreekwoordelijke paplepel meegekregen en is een gevierde pianiste met een drukke concertagenda. www.jilllawson.com

Zij vormen samen dus het duo Lawson & Lawson.

De cd in twee delen, twee tijdskaders

1.       Violin Sonata in E-Flat Major, Op. 11 No. 1: I. Frisch; II. Im Zeitmaß eines langsamen feierlichen Tanzes  [creatie, Frankfurt, 1919]

2.       Violin Sonata in D Major, Op. 11 No. 2: I. Lebhaft; II. Ruhig und gemessen; III. Im Zeitmaß und Charakter eines geschwinden Tanzes [creatie, Frankfurt; 1920]

Deze sonata werd voor het eerst uitgevoerd in 1919. Dat is het jaar dat Freud zijn artikel over het Unheimliche publiceerde en zijn boekje over het ‘Jenseits’ van het lustprincipe zal afwerken. Jenseits of voorbij het lustprincipe omdat hij erkende dat de mens niet alleen lust zoekt maar ook een waar genoegen vindt in het bewerkstelligen van zijn eigen ondergang.

De Groote Oorlog maakte een einde aan de droom van de modernisten maar het modernisme zelf overleefde. Om de sonates op een tijdlijn van kunst te situeren geef ik vlug nog dit mee: Prokoviev creëert zijn Liefde voor drie sinaasappelen, Duchamp tekende een snorretje op de Mona Lisa (L.H.O.O.Q.), Monet schilderde waterlelies en Gropius stichtte het Bauhaus. Soms lijkt het dat creatieve en vernieuwende ideeën voor de hedendaagse mens steeds minder mogelijk zijn.

De vormgeving van het bauhaus vind je terug op de cover van de cd.

Deze Sonates zijn vroege werken van de componist waar de late Duitse romantiek nog in doorschemert met ergens een vleugje barok. De eerste compositie laat een Schoenberg van het begin van die eeuw (cf. Gurre-Lieder) meeklinken en de atonaliteit krijgt reeds een bescheiden plaatsje. Het doet mij – zo gaat dat met muzikale associaties, ze zijn persoonlijk –  wat denken aan Ysaÿe, die andere grote violist, maar toch heeft Hindemith reeds een eigen geluid. Een geluid waar men in het aangeslagen Duitsland naar op zoek was.

De Sonates zijn vrij lyrisch en elegant, soms ingetogen of pittig en af en toe lijkt het alsof de emoties van het front van de voorgaande jaren (de jaren van componeren) erin weerklinken.

Broer en zus Lawson zijn op elkaar ingespeeld en spreken dezelfde taal. Deze sonates klinken laat-romantisch, vroeg Schoenberg, ingetogen of uitbundig waar het hoort. De muziek laat je meedrijven. De Lawsons brengen ze met liefde, als een geschenk aan de luisteraar.

3.       Violin Sonata in E Major: I. Ruhig bewegt; II. Langsam [creatie, 1936, Genf nabij Geneve]

4.       Violin Sonata in C Major: I. Lebhaft; II. Langsam; III. Fuge. Ruhig bewegt [creatie, lissabon, 1940]

In 1936 vinden de Olympische zomerspelen plaats in Berlijn, Miro maakt Metamorphosis, Dali een kreefttelefoon, Capa maakt de foto van de iconische sneuvelende soldaat, Britten brengt Peter Pears en Count Basie laat samen met Lester Young hun jazz op 78 toeren draaien.

Vier jaar later staat de wereld in brand, creërt Schoenberg zijn viool concerto en Shostakovitch zijn piano Quintet en in de US zet Glenn Miller een vrolijke noot terwijl Hopper er de eenzaamheid borstelt.

De nazi’s, met hun eerder beperkte visie op kunst en expressie, wensten een schoonheid die haaks stond op hun eigen verrichtingen. In zekere zin wilden ze een maatschappij zo vrij mogelijk van de menselijke conditie – althans voor een elite; een soort van Brave New World (Huxley, 1932) in een idyllisch Duitsland. Het menselijke lijden is er enkel voor de zwakken en de ‘wilden’. Maar omdat  de ‘wilden’, negers, joden, ontaarden, gehandicapten, Marokkanen of kortom de ‘levensonwaardige’ levens in hun anders-zijn ongewild wijzen op hun eigen mistroostige bestaan, moesten ze verdwijnen.

Hindemith, die samenwerkte met iedereen en met zijn compositiestijl (incluis modernistische atonale klanken die zo treffend het ‘al te menselijke’ kunnen verklanken), kwam in nauwe schoentjes. Als hij in den beginne van het naziregime nog de ‘toekomst’ mocht zijn van de Duitse muziek, werd dat al snel anders. Na zijn opvoering van Mathis der Mahler (première in Zurich en niet in Duitsland) waren de meningen verdeeld en zelfs eerder negatief. De succesrijke uitvoering van de viool sonate in E major in 1936 maakte het voor hem nog moeilijker om een eigen creatieve koers te varen. Goebels legde de spelregels op. In 1937 hield hij het voor bekeken en verliet Duitsland. Een jaar later was er een hele afdeling aan hem gewijd op de tentoonstellingen van de Ontaarde Kunst: hij was, zo sneerden de nazi’s, een “theoreticus van de atonaliteit” en was “bevriend met de Joden”. Hoe diep kan je vallen in een ‘volks’-zuiver regime?

De sonate zelf getuigt nochtans van een beheersing van de stiel en klinkt helemaal niet als kakofonische gerammel. De atonaliteit is aanwezig maar de reeksen zijn niet dezelfde als die van de dodecafonie. Hindemith ontwikkelde een eigen theorie, een fenomenologie van de klank.  Door de reeksen en de plaats van de noot in die reeks verkrijgt elke klank een specifiek karakter. (Wie wil kan dit nalezen op http://www.hindemith.info/en/life-work/biography/1933-1939/ Principles and Categories)

Eigenlijk kan je zijn meesterschap ontdekken in deze twee sonates. Er is steeds die eigen inkleuring van de noten, de mooie ‘droge’ notenreeksen en een emotionaliteit die zich in het geheel ontvouwt.

Broer en zus Lawson hebben de werken niet zomaar ingespeeld. Het grote maar heerlijke ‘nadeel’ hiervan is dat je blijft luisteren. Ik ben er zeker van dat diegene die voorzichtig is t.a.v. de muzikale creaties van die periode hiervan kan genieten. Nergens klinkt het ‘fout’ maar je wordt betrokken in de emotie van deze werken: het zijn composities waarvan zeker de tweede niet los te denken is van de turbulente geopolitiek, de manifeste oorlogsdreiging en de angst en droefenis over de mensenwereld die zoiets met zich meebrengt.

Ter conclusie

Ik heb met veel plezier naar deze uitvoering geluisterd. Zeer onderhoudend, teder en met veel liefde gespeeld. Ze weten je mee te nemen in de bijzondere maar toegankelijke klankwereld van Hindemith.

De cd werd opgenomen in het Flagey-gebouw waar ze ook de cd voorstelden: http://www.flagey.be/en/program/14157/jill-lawson-eliot-lawson/hindemith-complete-sonatas-for-violin-and-piano: een Youtube-filmpje geeft een voorsmaakje. De klankkwaliteit van de opname is heel mooi.

Soms wenste ik (bij de eerste sonates) dat de viool, het instrument dat zo nauw aansluit bij de menselijke stem, nog iets prominenter was. Nu ik dit schrijf en de cd voor de zoveelste keer weerklonk, schrik ik even dat die al afgelopen is: dat is een goed teken. Ik ga deze cd zeker nog vaak opzetten. Bedankt voor jullie gedrevenheid, liefde en vooral de mooie uitvoering.

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in:

Meer lezen ?

Sterrenparade

Voor wat staan de sterren die toegekend worden? Het is belangrijk om daarin openheid te brengen, dit m.a.w. op de (ver)nieuw(d)e website te expliciteren. KC is voorstander van een positieve benadering, genre de restaurantrubriek in dSMagazine: uitstekend– goed – redelijk – nipt.

5 ⭐️ = uitstekend

4 ⭐️ = zeer goed

3 ⭐️ = goed

2 ⭐️ = redelijk

1 ⭐️ = nipt

Introductiegidsen

Steun Klassiek Centraal via JPC