Glansperiode Duitse Orde glansrijk muzikaal vertaald

800 jaar geleden vestigde de Duitse Orde- of zeggen en schrijven we de Teutoonse Orde? –  zich in de Maasstreek nabij Bilzen op het enorme domein met kasteelcomplex dat we vandaag kennen als Alden Biesen. Net op de dag dat 45 jaar ervoor het bijna volledig gerestaureerde kasteel afbrandde, nadat iemand even een open haard ging proberen terwijl de schouw vol volgelnesten zat… Die nesten zijn opgebrand, net als het kasteel en ontzettend veel waardevol materiaal, maar de moed en het geld werd destijds gevonden om opnieuw het kasteel in alle glorie te laten herrijzen.

Meer over de inhoud van het concert op zich en over de Duitse Orde, vind je onderaan deze tekst. We plaatsen integraal de inleiding tot het concert van Marleen Reynders.

Marleen Reynders richtte in 1999 het vocaal – instrumentaal ensemble Capella Nova op waarmee ze intussen al 21 jaar muziek brengt van rond het jaar 1000 tot en met de barok. Zeg dus zo’n 750 jaar muziek en zie, daartussen valt de glansperiode van de Duitse Orde: de bouw, groei, verval en heropleving van wat vandaag gekend is als Alden Biesen.

800 jaar geschiedenis met muzikale hoogtepunten, dat is wat het publiek in de vroegbarokke kerk van het complex te horen kreeg. Een waaier muziek van de 12de tot de 18de eeuw opgedeeld in enkele hoofdstukken van strijd (verdediging en herovering) tot vrede ‘Bellum & Pax’.

Bellum – de oproep tot de strijd

Het gevarieerde programma zat niet alleen erg intelligent in elkaar, het verliep ook bijzonder vlot, boeide van de eerste tot de laatste noot en leerde het publiek meteen een brok geschiedenis van de omgeving, maar ook die mee Europa vorm gaf en nog steeds geeft. Haast elk geprogrammeerd werk kon op een of andere wijze gekoppeld worden, soms zeer direct, aan de Commanderij van Alden Biesen, meer nog dan aan welk andere nederzetting van de Duitse Orde waar dan ook in Europa. Het (bittere) toeval wil dat vandaag opnieuw internationale vrees is gerezen voor Turkse agressie – de bogen staan gespannen. Het is net de Ottomaanse veroveringsdrang die mee aanleiding gaf tot het oprichten van de Teutoonse ridderorde. Dat vertaalt zich het best in het bekende strijdlied L’homme armé uit de 14de eeuw (anoniem en 15de eeuws van Robert Morton – 1430-1479). Hiermee opende het jubelconcert.

Na dit toch wel wat bloeddorstig lied, is wat bezinning nodig… Die kreeg het publiek met het Kyrie uit de mis L’homme armé van Guillaume Dufay (1397?-1474). Meteen erna werden 6.600 martelaren van de Thebaanse Legioenen bezongen in een anoniem werk van ca. 1510 ‘Omnes Mauritium’. Zij zouden volgens een legende samen met hun leider, de heilige Mauritius van Bilzen, de dood boven het ‘heidendom’ verkozen hebben.

Met Walther von der Vogelweide (1117-1230) werd er teruggekeerd in de tijd naar Palestina met het Palestinalied waarvan wonderwel de muziek is bewaard. Voor die tijd een zeldzaam stuk en te koesteren. Het Heilig Land zet tot feesten aan en muzikaal gebeurde dit tijdens het concert met anonieme dansmuziek uit de 14de eeuw met vedels en fluiten.

Via het gearrangeerde huwelijk van Cleofa Malatesa en Theodoros II Palaigros moest het orthodoxe Byzantium nader tot Rome komen. Guillaume Dufay zette de tekst ‘Vassilissa ergo gaude’ op muziek. Het heeft niet mogen baten, nog steeds staan beide christelijke kerken tegen elkaar…

In de 16de en vooral 17de eeuw verliezen de Turken in het door hen bezette Europese gebied terrein. Denk maar aan de slag om Wenen in 1683 die door de Poolse koning Jan III Sobieski glansrijk gewonnen wordt en de slag om het fort Petrovaradin (nu Servië) in 1716 na de eerder mislukte belegering door de Turken in 1694 en de slag bij Senta (1697). La battaglia dus, oftewel ‘de strijd’. Drie muzikale zettingen werden uitgevoerd op dit concert. Instrumentaal met een compositie van Samuel Scheidt (1587-1654) en voor zang en instrumenten door Adriano Banchieri (1568-1643) en Adrea Gabrieli (1532-1585).

Al dat vechten moest toch overgoten en vergeven worden met de nodige christelijke saus die ten gehore werd gebracht in het gebed Media in vita morte sumus van Henry Du Mont (1610-1684) en de laatste gekende mis L’homme armé, ditmaal van Giacomo Carissimi (1605-1674).

Pax – Da pacem Domine

Na al dat bloedvergieten werd het tijd voor vrede. Net zoals er veel oorlogen waren en zijn, zo waren en zijn er ook vele periodes van vrede. Het tweede luik van het feestprogramma bezong die tijden van vrede door de eeuwen heen in en om of dankzij Alden Biesen en de Duitse Orde.

Met een gregoriaans en nadien subtiel uitgewerkt Da pacem Domine van Gilles Binchois (1400-1460) wordt om vrede zingend gebeden. Een ander Da pacem Domine is van Antoine Brumel (1460-1515), een instrumentaal werk. Van de grote Heinrich Schütz (1585-1672) werd het luisteren naar diens Verleih uns Frienden. Altijd weer genieten dit te horen.

Uit het beroemde 14de eeuwse Llibre Vermell brengt de Capella Nova Maria Matrem gevolgd door het verheffende O virtus sapientiae van Hildegard von Bingen (1098-1179). Meer wijsheid ‘Sapientia’ wordt door Lambert de Sayve (1548-1614) eveneens bezongen.

Om vrede te bekomen of om te danken dat er vrede kwam, trokken tallozen op pelgrimstocht. Uit de Cancionero de la Colombina speelden de instrumentalisten de Propiñan de Melyor uit een verzamelbundel van Albrecht en Isabella die in onze contreien regeerden na de terreur van Philips II. Uit de 12de eeuwse codex Calixtinus van Santiago de Compostella zingen de zangers Dum pater familias. Het wordt meteen erna dansen op muziek van Guillaume Dufay (1397-1474) met diens Saltarello. Er wordt teruggekeerd naar het Llibre Vermell met het gezang Stella splendens.

Vrede leidt tot gejubel toch? Jazeker en met het feestelijk Jubilate Deo van Christobal de Morales (1500-1553) voelen we ons rijke Habsburgers onder Keizer Karel V. Het jubelen gaat door met Johann Stadlmayer (ca.1575-1648) zijn Kyrie en Gloria uit de Missa Jubilate Deo. Afronden doet deze muzikaal sterke, rijke, vol klinkende feestnamiddag met het Jubilate Deo van  Hans Leo Hassler (1564-1612).

Capella Nova en Marleen Reynders wisten muzikaal volledig verantwoord, erg mooi vertolkt (al mocht het soms nog iets feller jubelen in de strijd en in de dankbare gezangen) door een evenwichtig koor en verfijnd instrumentaal ensemble. De tijd van toen herleefde.

Wat tevens moet vermeld worden van dit buitengewoon geslaagd concert vol variatie dat ons terugbracht naar de middeleeuwen en de Nieuwe Tijd, is het zeer fraai en interessant programmaboekje waarvan we hier een aantal verluchtingen weergeven. We mogen dankbaar zijn dat Klassiek Centraal op zo’n gelegenheden aanwezig kan en mag zijn en de ervaringen met u, beste lezers, kan delen.



Inleiding jubileumconcert door initiatiefneemster en dirigente Marleen Reynders

BELLUM & PAX

800 jaar Duitse Orde in de Landcommanderij Alden Biesen

Goede middag beste muziekvrienden en hartelijk welkom in dit prachtige historische kader – kerk van de Landcommanderij Alden Biesen.

Welkom op dit concert met Capella Nova, ons vocaal en instrumentaal ensemble, dat zich vooral toelegt op de oude muziek, met bijzondere aandacht voor onbekende of minder bekende werken uit de Laatrenaissance en de Vroegbarok.

Speciaal welkom aan Prof. Em. Joseph Peuskens, de commandeur van de Duitse Orde Alden Biesen en aan schepen van Erfgoed Mevr. Maike Meyers. Ik wil graag mijn grote dank uitspreken aan onze partners (HISAB, stad Bilzen, het Centraal Labo en de Landcommanderij AB) voor de fijne en enthousiaste samenwerking.

Dit jaar viert de Landcommanderij AB haar 800ste verjaardag, dat gevierd zal worden met diverse evenementen. Deze namiddag zijn ook wij in feeststemming. Het concert BELLUM & PAX is samengesteld als een ‘muzikale soundscape’ die het verhaal vertelt van deze indrukwekkende landcommanderij en haar de stichters ‘de Duitse Ridderorde’, met het eigen culturele & muzikale erfgoed als focus. Het concert bestaat uit 2 delen: Bellum (de oorlog) en Pax (de vrede) die elk onderverdeeld zijn in kleinere clusters rond een bepaald thema.

De ‘Duitse’ of ‘Teutoonse’ Orde is een geestelijke militaire ridderorde die in 1190 is opgericht na de inname van de strategische havenstad Akko tijdens de Derde Kruistocht. Hier werd een hospitaal gebouwd voor de verzorging van de gewonde Duitse kruisvaarders. De kruisridders genoten de bescherming en de gunst van keizer en paus en ontvingen in 1196 de algemene privileges van een ridderorde. In tegenstelling tot de Tempeliers en de Hospitaalridders was de Duitse Orde van meet af aan verbonden met de ridderschap uit het Heilige Roomse Rijk. Hun band met het Heilig Land bleef lange tijd nadrukkelijk aanwezig.

De Orde stelde zich ten dienste van wereldlijke vorsten en bood hulp bij de verdediging van christelijke rijken tegen heidense legers. Mede dankzij haar bemiddeling in de voortdurende machtsstrijd tussen de keizers van het Roomse Rijk en de paus kon de Orde een groot aantal bezittingen verwerven, landerijen, stadsresidenties, kastelen en burchten van waaruit zij het omringende land bestuurde en militair controleerde. De politieke en religieuze invloed van de Duitse Orde reikte destijds van het Heilig Land tot aan het Balticum en West-Europa.

Het zijn deze aspecten die tot uiting komen in het eerste deel van het concert dat gewijd is aan de muzikale verklanking van BELLUM – de oorlog – met verwijzing naar de kruistochten en naar de Middeleeuwse ridderidealen van strijdbaarheid voor het geloof. Het eerste luik is opgebouwd rond het Franse strijdlied L’homme armé – een oproep tot de strijd voor Christelijke ridders tegen de Ottomaanse bezetting van de stad Constantinopel. Het lied werd onmiddellijk heel populair en was een grote inspiratiebron voor heel wat componisten. Het Mauritius lied is muzikaal erfgoed van eigen bodem en heeft een directe link met de Duitse Orde en met Alden Biesen. Het werd gecomponeerd ter ere van de lokale Bilzerse heilige Mauritius en herdenkt de legende waarin het christelijke Thebaanse legioen van 6.600 soldaten met hun aanvoerder Mauritius volledig uitgeroeid werd, omdat die geweigerd had om deel te nemen aan een heidense eredienst. U vindt in het programmaboekje een van de prachtige geïllustreerde folio’s van dit manuscript, dat afkomstig is van de adellijke stift van Munsterbilzen ofwel van de Landcommanderij Alden Biesen zelf waar het als missaal werd gebruikt.

In het volgende luik roepen we de sfeer op van ‘het heilig land’ met het lied van de Minnesanger Walther Von der Vogelweide en met een pittige Estanpitta Ghaetta. Het isoritmische motet Vasilissa ergo gaude werd gecomponeerd voor een diplomatiek huwelijk dat de banden tussen de Roomse en de Byzanthijnse kerk opnieuw moest aanhalen.

In het battaglia onderdeel komt de oorlog heel dichtbij: hierin worden de strijd en de strijdgeluiden met vele pittige klanknabootsende effecten opgeroepen. Als reflectie na de strijd brengen we Media in vita morte sumus, een van oorsprong Gregoriaans gezang dat erg populair was omdat het troost bracht bij grote rampen zoals hongersnood, epidemieën en oorlogsleed. Henry Du Mont, componist uit het nabijgelegen Borgloon die het tot kapelmeester schopte aan het hof van Lod XIV in Versailles, schreef op dit thema een beklijvend motet. Het tweede deel is opgebouwd rond het thema ‘PAX’ – vrede – niet als een natuurlijk gegeven, maar als een hartstochtelijk na te streven en vaak erg moeizaam onderhandelde vrede.

Hoe komt de Duitse Orde nu in Alden Biesen terecht?

De vestiging van de Ridderorde in onze contreien is te danken aan een belangrijke schenking vanwege het klooster van Munsterbilzen, waar in de zevende eeuw een vrouwenklooster werd gebouwd met een zekere Landrada als eerste abdis. De zusters volgden de kloosterregels van Benedictus en hadden toegang tot kennis en geleerdheid, een belangrijk cultureel aspect in de Middeleeuwen dat ook bij figuren als Hildegard von Bingen een grote rol heeft gespeeld. Wellicht kende Hildegard, die abdis was van het Benedictijnerklooster in Bingen en Eibingen, het klooster van Munsterbilzen. We brengen van haar de prachtige hymne O virtus sapientiae. Het thema van ‘de wijsheid’ heeft ook Lambert De Sayve geïnspireerd, een componist uit de eigen regio als componist die aan het Habsburgse Hof in Wenen erg succesvol was.

In 1096 schonk Ida van Verdun, de moeder van de kruisridders Godfried van Bouillon en Boudewijn I van Jeruzalem, na haar verblijf in Munsterbilzen, diverse gronden in Rijkhoven aan de abdij. Die bouwde hier in 1209 een kleine kapel, die al snel uitgroeide tot een bedevaartsoord voor Maria. Met het lied Mariam matrem virginem verwijzen we naar een ander belangrijk bedevaartsoord voor de madonna in Montserrat. Het waren graaf Arnold III van Loon en abdis Mechtildis die deze kapel met de omliggende gronden in 1220 aan de Duitse Orde schonken. Dankzij diverse schenkingen en privileges kon de militaire ridderorde hier een commanderij – de landcommanderi Alden Biesen bouwen – de hoofdzetel van de Orde in het Rijn-Maasgebied, met twaalf onderhorige commanderijen.

De Orde dankte haar grote bloei ook aan de verzorging van zieken, een kerntaak die aan de basis lag van haar oprichting tijdens de Derde Kruistocht. Ook in Alden Biesen werd een gasthuis gebouwd ter verzorging van pelgrims op weg naar grote bedevaartscentra. Dum pater familias en Stella Splendens zijn beide stapliederen voor de pelgrims op hun tocht naar de Spaanse bedevaartsoorden Compostella en Montserrat.

Tenslotte is de bouwgeschiedenis van de Landcommanderij Alden Biesen uiteraard nauw verbonden met de groei en de macht van de Duitse Orde. Na een periode van machtsverlies keerde de Orde in de 16de eeuw terug naar de Alden Biesen. Op de plaats was vroeger een oost-westelijk  gerichte kerk met bijgebouwen stond, werd in 1543 de eerste steen van een imposant kasteel gelegd. Een nieuwe vroegbarokke kerk – waarin wij ons nu bevinden – werd gebouwd op initiatief van landcommandeur Godfried Huyn van Geleen. In dit architecturale trio – kerk, hospitaal en burcht – werden de idealen van de Duitse Orde vereeuwigd: religieuze inspiratie, caritatieve zending en strijdbaarheid voor het Christelijke geloof. Met het luik Jubilate Deo verwijzen we naar de de politieke en religieuze macht van de Orde in de Balije Biesen en in het bredere Heilig Roomse Rijk. Capella Nova hoopt met deze muzikale soundscape u allen mee terug te kunnen nemen in de geschiedenis van de Duitse Orde en van deze prachtige site.

Hartelijk dank om uw telefoon uit te schakelen en uw gewaardeerd applaus te willen uitstellen tot aan de pauze of tot het einde van het concert. Capella Nova wenst u een aangename muzikale namiddag toe!


  • WAT: Bellum & Pax, 800 jaar Duitse Orde in de Lancommanderij Alden Biesen
  • WIE: Capella Nova onder leiding van Marleen Reynders
  • WAAR & WANNEER: Kerk Landcommanderij Alden Biesen (Bilzen), zondag 8 maart 2020
  • ILLUSTRATIES: met dank aan Marleen Reynders

 

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: