Der Bettelstudent

Der Bettelstudent

De operette domineert nog altijd (gelukkig maar) de programmatie van de Weense Volksoper die er ondertussen wel de musical aan toegevoegd heeft en ook nog opera- en balletvoorstellingen biedt.

In de laatste weken van dit seizoen was het “Der Bettelstudent” de operette van Carl Millöcker die de affiche deelde met onder meer “Anatevka” van Jerry Bock, Mozarts “Cosi fan tutte”, Verdi’s “La traviata” en het ballet “Marie-Antoinette”, een choreografie van Patrick de Bana.

Met Franz von Suppé en Johann Strauss vertegenwoordigt Carl Millöcker de “Gouden tijd” van de Weense operette. Hij componeerde meer dan twintig operettes maar het is vooral “Der Bettelstudent”, gecreëerd in het Theater an der Wien in Wenen op 6 december 1882 die hem beroemd heeft gemaakt. De Volksoper presenteerde zijn eerste productie van “Der Bettelstudent” in 1909. De realisatie die nu te beleven is (première 30 april 2016) is de zeventiende van deze heerlijke operette die meeslepende aria’s biedt en enkele van de mooiste ensembles van het Weense operetterepertoire. De opvoering die ik bijwoonde was de 639ste!

Anatol Preissler (enscenering), Karel Spanhak (decors), Marrit van der Burgt (kostuums) en Marga Render (choreografie) hebben een leuke opvoering gerealiseerd, traditioneel in de goede zin, kleurrijk met soms overtrokken komische effecten maar over het algemeen plezierig en vooral  vol  temperament en muzikaal soliede .Dat dank zij het orkest van de Volksoper en zijn dirigent Wolfgang-Maria Märtig die niet alleen de opvoering een mooie muzikale allure gaf, de zangers goed ondersteunde en de ensembles met vaste hand begeleidde maar bovendien een ouverture gecomponeerd had met thema’s uit de operette. Een ander extraatje : de mazurka uit het ballet “Coppélia” van Léo Delibes ter wille van de “couleur locale”. De handeling speelt zich tenslotte af in Krakau!

De vocale eisen voor de protagonisten van “Der Bettelstudent” zijn niet de minste maar de Volksoper slaagt er blijkbaar zonder veel moeite in om een homogeen ensemble samen te stellen met  zangers die niet alleen hun personages geloofwaardig invullen maar evengoed acteren als ze zingen. Lucian Krasznec was een aantrekkelijke Symon met een zonnige en soepele tenorstem, homogeen in alle registers. Jan Janicki vond een sympathieke vertolker in de vocaal meer bescheiden David Sitka.

Ollendorf, de gouverneur van Krakau die zich wil wreken wegens een belediging, werd uitstekend vertolkt door Martin Winkler die het personage autoriteit gaf maar ook de nodige komische trekjes, zijn tekst voortreffelijk projecteerde en zong met een wat roestige bas. Mara Mastalir leende haar heldere, soepele sopraan aan de mooie, hautaine Laura die de liefde ontdekt. Anita Götz was haar leuke, spontane  zus Bronislawa met een expressieve, warme sopraan. Sulie Girardi (Palmatica) waakte vol overtuiging over haar beide dochters. Boris Eder was de pittoreske cipier Enterich, Martin Fischerauer een stomme, discreet komische  knecht  maar de officieren uit de entourage van Ollendorf waren karikaturen. Mooie prestaties van koor en ballet. Voor de liefhebbers van de operette blijft de Weense Volksoper aanbevolen!

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: