Calefax & Lenneke Ruiten

Nederlandse rietkwintet Calefax

Op Klassiek Centraal kon u onlangs een bespreking lezen van de Goldbergvariationen door het Nederlandse rietkwintet Calefax en al het goede wat we daarvan dachten en denken… 

Op Klassiek Centraal kon u onlangs een bespreking lezen van de Goldbergvariationen door het Nederlandse rietkwintet Calefax en al het goede wat we daarvan dachten en denken…

In blijde verwachting trokken we naar de tempel van de goede smaak die deSingel is, voor een live-optreden van dit kwintet. Dat er een hemelsbreed verschil kan bestaan tussen een cd-opname en een live-optreden zal u niet verbazen. De èchte muziek, hoor je wel eens beweren, klinkt in de concertzaal met publiek erbij. Dat is een beetje zoals voetbal of wielrennen: op tv zie je het wel beter maar mis je de sfeer.

In het begin van de avond was de sfeer ver te zoeken. Het publiek was zo weinig talrijk komen opdagen dat men besloot het hele gebeuren op het podium zelf te concentreren. De muzikanten met hun rug naar de zaal (voldoende afgescheiden van deze donkere ruimte door klankborden) en het publiek op oncomfortabele stoelen met de rug naar de achterkant van het podium. Al bij al geen slecht idee, omdat je zo toch ietwat intimiteit creëert.

Zoals aangekondigd spelen de muzikanten van Calefax rechtstaand. Dat blijkt een factor te zijn die een grotere dynamiek toelaat. In tegenstelling tot wat men zou kunnen vermoeden, zijn muzikanten geen stijve harken en is enige bewegingsvrijheid zeker welkom. Je ziet ook geen solist stokstijf voor het orkest staan. Welnu, vijf of zes solisten vormen een dynamische groep waar de Spielfreude zo afstraalt.

Het thema van het programma luidt: Layers. Laagjes dus of – zo u wil – gestratificeerde muziek. Wat dit betekent zou in de loop van de avond min of meer duidelijk worden.

Ingezet wordt met Line and Length van de Australische componist Matthew Schlomowitz (°1975). Een wervelstorm met een relatief klein aantal melodische lijnen van verschillende lengte. Wervelstorm, jawel, maar met de entropie eigen aan een storm met twijfel alom (in het hart van de luisteraar), af en toe een leuk experiment, een duootje van klarinetten op een bedje van… getoeter als dat van een steamliner. Titanic is nooit ver weg. Wat de titel kon laten vermoeden: de lines zijn vaak te lang.

Gelukkig is er J.S. Bach (1685-1750), the unsinkable, of beter gezegd, de veilige haven met – in dit geval – zeer duidelijk te onderscheiden ‘layers’ omdat elk van de stemmen hier vertolkt worden door een ander instrument. Het programma met ‘eigentijdse’ (20e en 21e eeuw) muziek wordt dus gelardeerd met streepjes uit Die Kunst der Fuge: een zeer geslaagd effect. Polyfonie is inderdaad muziek in verscheidene lagen.

De Deense componist Hans Abrahamsen ((°1952) schreef Walden, een werk dat verwijst naar Life in the Woods uit 1854, een vaak besproken maar (nog) weinig gelezen boek van de Amerikaanse schrijver Henri David Thoreau (1817-1862) tijdens diens tweejarig geïsoleerd verblijf in de natuur. De clair-obscureffecten – open plekken, dan weer dichtbegroeide delen van het bos, zonnestralen of duistere schaduw – wisselen elkaar af. Maar boeien doet het niet, of toch zeer weinig.

Voor de Belgische creatie van Hymns for Private Use van de Amerikaanse componist Nico Muhly (°1981) werd een beroep gedaan op de rijzende ster aan het Nederlandse stemmenfirmament, de sopraan Lenneke Ruiten. Haar biografie en palmarès vindt u op het internet. Ze heeft een prachtige stem die ons… het eerste kippenvelmoment van de avond bezorgt. De Hymns zijn vijf liederen op verschillende oude Engelse teksten van de 12e tot de 18e eeuw. Het is meteen raak. Met Virga Rosa Virginum, een verhaal over Maria en haar zoon in een mengelmoes van Latijn en Engels worden alle registers opengetrokken en horen we hoe dicht rietblazers aansluiten bij de menselijke stem.

Na het slotstuk uit Die Kunst der Fuge, waarin opnieuw de stratificatie van de muziek wonderbaarlijk zichtbaar – want je volgt de muzikant die aan de beurt is met je ogen – en vooral dus hoorbaar is, luisteren we ter afsluiting van het concert New York Counterpoint van Steve Reich (°1936).

Minimalisme is dan wel het handelsmerk van Reich maar “less is more”. Ook dit werk is in layers opgebouwd. Enkele vooraf opgenomen partijen weerklinken uit enkele luidsprekers. ‘Live’ zien en horen we de klarinettist als centrale figuur, omringd door zijn vier collega’s. Oorspronkelijk was het stuk voor één ‘live’ klarinet en tien opgenomen klarinetten maar Reich vond de klankwereld van Calefax zo betoverend dat saxofonist Raaf Hekkema, met instemming van de componist, een versie maakte voor elf verschillende rietinstrumenten: hobo, hobo d’amore, althobo, klarinet, bassethoorn, es-klarinet, bes-klarinet, sopraan-saxofoon, alt-saxofoon, kwintfagot en fagot. In een jazzy ritme breekt de ‘hel’ los. Adembenemend, letterlijk en figuurlijk, in een razend tempo, boeiend tot en met, puurt Reich het qua melodie beperkt basismateriaal uit tot loepzuivere lijnen in verschillende lagen. Je kan bijna niet blijven stilzitten en ik ontwaar een paar luisteraars die lichtjes headbangen of met de vingers proberen de maat te volgen. Waw !

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: