Alexander Melnikov – Dmitri Sjostakovitsj : dubbel Gouden Label!

Sjostakovitsj, Alexander Melnikov, Harmonia Mundi

Gouden Label Over de voorgeschiedenis van dit monument in de pianoliteratuur kunnen we kort zijn. In 1950 kreeg Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975) de toelating van het sovjetbewind om als lid van de jury in Leipzig de Tweehonderd-Jaar-Bach-Wedstrijd bij te wonen. 

Gouden Label Over de voorgeschiedenis van dit monument in de pianoliteratuur kunnen we kort zijn. In 1950 kreeg Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975) de toelating van het sovjetbewind om als lid van de jury in Leipzig de Tweehonderd-Jaar-Bach-Wedstrijd bij te wonen. Hij kwam onder de indruk van Tatjana Nikolajeva die <Das Wohltemperierte Klavier> speelde. Voor Sjostakovitsj de impuls om zijn eigen set van 24 preludes en fuga’s te componeren. Bij zijn thuiskomst zette hij zich aan het werk en slechts drie en een halve maand later was hij er klaar mee. Nikolajeva – begaafd met een uitzonderlijk muzikaal geheugen – bleef het werk haar hele leven lang spelen.

Het zou Sjostakovitsj niet zijn als er geen lawine van kritiek zou verschijnen (vooral uit sovjethoek, maar ook door zogenaamde aanbidders): het is saai, controversieel, ontoegankelijk, te complex, primitief…

Waar halen ze het ?!              

Het is geen easy-listening. So what ? Controverse is vaak ‘gemakkelijk’ of gewoon na-apen van wat de criticus in kwestie elders gelezen heeft. Mind my words. Het zou niet het beste zijn dat Sjostakovitsj geschreven heeft. Lieve hemel. Het enige dat we  met zekerheid weten, is het feit dat voor een groot deel van zijn zeer bewogen leven het schrijven van werk voor piano solo niet bovenaan de agenda stond, laat staan preludes en fuga’s: het meest intellectueel beladen genre. De fuga’s kunnen op om het even welk instrument weerklinken, ja zelfs gezongen worden en de preludes zijn geschreven met orkest- of kamermuziek in gedachten. Maar Sjostakovitsj was een fenomenale pianist en ook dat hoor je eraan.

De Prelude nr. 1, in C zoals men dat kan verwachten, raakt geen enkele zwarte toets aan maar klinkt niettemin bijzonder exotisch. Het is ook intimistische muziek, bijna een gebed. Voor we verder gaan een pluim voor de pianofirma Jacek & Svetlo Piano’s die deze Steinway bijzonder goed gestemd en geïntoneerd kreeg… tot de beste Steinway in Vlaanderen (hebben we uit goede bron).

Over heel de lengte van het avondvullend megawerk, valt ook een goed gedoseerd (lees: matig) pedaalgebruik op van Alexander Melnikov (°1973), in 1991 laureaat van de Koningin Elisabethwedstrijd om maar één referentie aan te halen. Hij maakt indruk door zijn spel “in de toetsen”, af en toe uit de schouders – wat tot spanningen leidt en eigenlijk niet zo goed is – maar laat de piano klinken als een gesofistikeerd klokkenspel, vooral in de bassen. In de Prelude nr. 2 schiet de muziek in vijfde versnelling. Die is dan wel in a, maar kleine terts is hier geen synoniem voor melancholie noch verdriet. In Prelude nr. 4 in e (opnieuw een kleine terts dus) komt Sjostakovitsj de storyteller aan bod, wondermooi ‘verklankt’ door Melnikov. Naarmate de muziek vordert, worden we er helemaal door opgeslorpt. De zaal verdwijnt, het publiek (niet zo talrijk – de afwezigen hadden ongelijk), tot zelfs de piano en de pianist zelf verdwijnen op de achtergrond. Alleen de muziek vult ons hele lichaam. Dit is merkwaardig en gebeurt niet zo vaak. Met de ogen dicht laten we ‘het’ gebeuren. Het is geen ontroering van het genre kippenvel maar een wonderlijke, boeiende wereld die voor ons open gaat. De componist neemt ons mee op een exclusieve tocht, langs de meanders van een rivier, zeg maar krachtige stroom. Soms een Beethoveniaanse beschrijving van de natuur dan weer een zuiver cerebrale oefening à la Prokofiev en later opnieuw typisch Sjostakovitsj. Het laat je niet los.

Melnikov heeft de juiste sfeer te pakken en draagt die ook over op het publiek. Ik ben (gelukkig) niet de enige die roerloos zit te luisteren, te genieten van zo veel moois. Een muzikale waterval, maar niet van het type Niagara (overdonderend) maar eentje waar je als kleine mens nog bij kan. Het verrassende aan die waterval is het feit dat die af en toe ophoudt te stromen op een of ander subliem, onverwacht maar oplossend akkoord.

Schier bovenmenselijk houdt Melnikov de boog zeventig minuten lang gespannen, tot en met Prelude & Fuga nr. 12. De volgende prelude is duidelijk “de verzoenende aura van een nieuw begin”, dixit Melnikov.

Het tweede deel brengt ons de nummers 13 t/m 16, volgens Levon Akopian op de gulden snede van de 24. Nummer 15 zit boordevol spot met het criminele Rusland van na de revolutie; nummer 16, met een passacaglia als prelude is dan weer geworteld in een middeleeuwse bodem.

Het derde deel, na een tweede korte pauze, met een lang uitgesponnen laatste prelude en fuga vervolledigt deze epische cyclus.

Niet één seconde minder boeiend, laat staan vervelend, een hele zware avond lang. Want nogmaals: dit is geen muziek voor een theekransje of koffiepauze. Als luisteraar word je wel degelijk verwacht je aandacht bij de les te houden, maar wel beloond met een zaligmakende ervaring.

Deze integrale van de 24 Preludes en Fuga’s van Sjostakovitsj door Melnikov is ook te beluisteren op cd: Harmonia Mundi HMC 902019.20 die samen met het optreden een Gouden Label krijgt.

Gerelateerde Artikelen

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in: