Donderdag 15 maart stelde Peter de Caluwe het nieuwe seizoen van de Koninklijke Muntschouwburg voor. Zoals te verwachten, is het een programma dat allesbehalve open deuren intrapt, maar integendeel enkele onverwachte producties biedt en een aantal creaties. Zelfs de – laten we maar zeggen – meer “traditionele” opera’s op het programma krijgen een aparte invalshoek waardoor ze gaan intrigeren.

Peter de Caluwe liet zich inspireren door het literair-filosofisch gedachtengoed van de Zwitserse Duitstalige auteur Hermann Hesse (1877-1962) en meer bepaald een citaat uit zijn boek Das Glasperlenspiel (Het kralenspel). Peter de Caluwe sprak dan ook de hoop uit dat “het seizoen 2018-2019 u mag inspireren door het spirituele panorama dat het aanbiedt – een Seelenlandschaft, als bewust contrast met de vluchtige, fragmentaire wereld die ons omringt – en dat onze eeuwige zoektocht naar zelfkennis uiteindelijk mag uitmonden in schoonheid en wijsheid. Een mooie wens waarin de geprogrammeerde opera’s een diepe betekenis kunnen spelen.

Vrijheidsberoving en bovenmenselijke kracht

Het bracht de intendant direct bij de eerste productie van het nieuwe seizoen, Mozarts Die Zauberflöte, die door Romeo Castellucci een zeer aparte invulling zal krijgen waarbij deze “visionaire allroundkunstenaar” op zoek gaat naar “diepere lagen” (citaten Peter de Caluwe). Bijzonder fascinerend vind ik dat Janaceks Uit een dodenhuis zal gepresenteerd worden in een regie van die andere cultregisseur van het moment, Krzysztof Warlikowski, bovendien gedirigeerd door een jonge vrouwelijke dirigente, Mirga Gražinyte-Tyla. In de lijn van dit harde verhaal, waarvoor Janáček zich baseerde op de roman van Dostojewski, is er een ander boeiend werk geprogrammeerd dat draait rond vrijheidsberoving en bovenmenselijke kracht om te overleven, namelijk Push een compositie van Howard Moody, naar het levensechte verhaal van de Brusselse Joodse Holocaustoverlever Simon Gronowski. Een onwaarschijnlijk verhaal dat een boeiend “communityproject” biedt, waarbij professionelen en amateurs samenwerken. Het stuk werd al in Chichester opgevoerd en krijgt in de Munt zijn Belgische creatie in de Malibranzaal.

Nog een creatie is Frankenstein van Mark Grey: een opera die gepland was voor het Extra Muros-seizoen, maar door omstandigheden uitgesteld werd. Er staan twee buffo-opera’s op het programma: de populaire Don Pasquale van Donizetti, waar Laurent Pelly zijn fantasierijke regie op loslaat om de kleinmenselijke kantjes uit te puren en waar Altinoglu een muzikaal eindejaarsfeest van zal maken samen met een aantal belcanto-specialisten, met onder andere Michele Pertusi in de titelrol. De andere buffo is een rariteit. Re Orso van Marco Stroppa (1959) is een werk in opdracht van de Opéra Comique de Paris en de Munt. De opera krijgt na de creatie in Parijs in 2012 nu eindelijk zijn Belgische première in de Munt. Het verhaal is een sprookje – zij het niet verstoken van nachtmerrieachtige momenten – van Arrigo Boito (1842-1918), een auteur-componist (Mefistofele) die we vooral kennen als librettist van Verdi. Stroppa schuwt de electronica in zijn werken niet en het wordt dus een absoluut hedendaagse tegenhanger van de traditionele opera buffa! Met Arrigo Boito komen we ook terecht bij Amilcare Ponchielli’s La Gioconda, een opera die bekend is van één fragment, de Danza delle Ore. Deze opera die in Venetië speelt, krijgt het publiek eindelijk nog eens integraal te zien in de Muntschouwburg.

Hermann Hesse-thematiek

Een topper die met zijn metafysische lagen uiteraard in de Hermann Hesse- thematiek thuishoort, is uiteraard Wagners Tristan und Isolde, waarmee Altinoglu zijn Wagner-parcours in de Munt voortzet. Het operaseizoen wordt met een echt sprookje afgesloten, namelijk met de te ontdekken Russische opera van Nikolay Rimsky-Korsakov, Het sprookje van Tsar Saltan, een kolfje naar de hand van Dmitri Tcherniakov en net als de nog in het geheugen klevende Gouden Haan, muzikaal in de goede handen van chef-dirigent Alain Altinoglu. Twee opera’s worden in concertvorm gegeven: Stravinsky’s The Rake Progress met niemand minder dan Barbara Hannigan als dirigente en de grand opéra van Giacomo Meyerbeer, Robert le Diable, met de fantastische dirigent Evelino Pidò, die momenteel het tweeluik Cavalleria/Pagliacci dirigeert in de Munt.

Er zijn zoals elk seizoen een reeks recitals met grote zangers (Padmore, Gens, Kožena) en concerten met onder andere de symfonieën één tot en met acht van Ludwig Van Beethoven, ook met Altinoglu. Daarnaast is er ook dans met een soort retrospectieve van Anne Teresa de Keersmaeker en in de samenwerking met andere federale kunstinstituten in Brussel wil ik toch nog L’Homme de la Mancha aanstippen, vijftig jaar na de première ervan in de Munt en veertig jaar na het overlijden van Jacques Brel in oktober 2018.

Een fascinerend volgend seizoen waarin talloze ontdekkingen te beleven zijn. U vindt alle details terug op www.demunt.be.


  • WAT: voorstelling van het nieuwe operaseizoen van de Koninklijke Muntschouwburg
  • WANNEER: 2018-2019
  • FOTO: © De Munt