Nominatie Gouden Label  Voor hun eindejaarsproductie koos de Brusselse Munt voor Dialogues des Carmelites van Francis Poulenc (1899-1963), gebaseerd op het boek van Georges Bernanos. Neen, geen opera over liefde, afgunst of wraak maar een productie met angst en waardigheid als centraal thema. Laat waardigheid het stopwoord zijn wanneer men over deze productie praat, want ieder element werd ingevuld met gevoel voor  meerwaarde.

In 1957 ging deze opera in première in Milaan. In Brussel werd hij reeds opgevoerd in 1959, maar binnen een externe productie. Het was dus de eerste maal dat de Munt de productie van de Dialogues op zich nam; het verhaal over de dappere nonnen die als landverraadsters werden geëxecuteerd – nadat ze zelf beslisten het martelaarschap aan te gaan – in het revolutionaire Frankrijk. Het hele boek en gelijknamige toneelstuk van Bernanos is gebaseerd op de overleveringen van zuster Marie, die als enige zuster kon ontkomen. Aanvankelijk werd Poulenc uit de hoek van Ricordi (uitgever van o.a. Puccini) benaderd voor een oratorium en vanuit de Scala van Milaan voor een ballet. Hijzelf liet echter te kennen – hij maakte er geen geheim van autodidact te zijn – dat een opera hem beter uitkwam. Het werd de tweede opera van vier stuks die hij zou schrijven.

Het verhaal van de jonge non Blanche de la Force is echter fictief. Het dient als cement binnen de duiding van het verhaal. De angst die Poulenc in haar personage verwerkte stond symbool voor zijn eigen leven tijdens het schrijven van deze opera. Zijn levensgezel was op dat moment doodziek. Hij geloofde er intens in dat hij zou komen te overlijden nadat de opera zou af zijn. Het tragische is dat het ook zo verliep.

De schichtige Blanche was de ster van de avond. Haar frêle voorkomen – duidelijk weerspiegeld in haar stemtimbre en haar rode koppige haardos onder haar kap maakten haar personage nog charismatischer. Al van bij het begin dat haar personage op het toneel verscheen, borrelde voor de toeschouwer de serene mystiek op van een klooster waar men werd ingezogen, hoe vaak de tableaus – in totaal twaalf – ook wisselden. Grauw doch warm, met bijzonder veel respect voor de lichtinval. Er werd een illusie gecreëerd alsof er daadwerkelijk licht door de kloosterramen scheen. Daarnaast werd ook veel gewerkt met schaduwen binnen donker en licht. Ook de habijten waren traditioneel. Olivier Py zorgde voor een tijdloos decor dat tegelijk van toen en nu was. Het decor vertegenwoordigde zowel het heden als de tijdsgeest waar het verhaal zich afspeelde als diegene waarin het werd gecomponeerd.

De kleurtimbres van de stemmen pasten wonderwel samen, vooral tijdens de religieuze gezangen werd een hoger gevoel opgeroepen. Iedere non moest in karakter uitgebeeld worden via haar stem. Zeven stemkleuren binnen de hoofdrollen en acht binnen het koor bepaalden de sfeer. Leeftijden en karakters werden opgedeeld en correct ingevuld. Ook de mannelijke hoofdrollen werden met dezelfde zorgvuldigheid ingevuld en uitgevoerd. In het bijzonder een sterke prestatie van onze eigen Guy De Mey die de aalmoezenier vertolkte en Yves Saelens die gestalte gaf aan de eerste commissaris. Het orkest was in perfect evenwicht onder leiding van Alain Altinoglu en volgde de sereniteit en het drama zo nauwgezet dat het een verademing was. Er was geen nood om de tekst op het scherm bovenaan te volgen. Alles was duidelijk verstaanbaar zonder dat het orkest overstemde of verloren ging, een mooi ingeschatte balans.

Het drama aan het eind van deze productie was desondanks het lugubere karakter ervan machtig en bleef uren nazinderen. Onder een  hartverscheurend Salve Regina vertrekken de zusters beurtelings in de nacht naar de guillottine. Telkens hoort men het vallen van het mes en één stem minder die zingt. Als aan het einde zuster Constance – de vrolijke novice vertolkt door Sandrine Piau afgewisseld met Hendrickje Van Kerckhove – nog als laatste overschiet, komt de gevluchte Blanche uit de menigte. Ze zingen weer met twee, tot ze één voor één verdwijnen voor hun afspraak met de dood.

Deze productie is zonder twijfel de sterkste die de Munt de afgelopen jaren aan het publiek schonk. Er werd veel aandacht geschonken aan stemmen uit eigen land.  Aan een nominatie Gouden Label werd bijgevolg niet getwijfeld.


  • WAT: Dialogues de Carmelites
  • WIELe Marquis De La Force Nicolas Cavallier, Blanche De La Force Patricia Petibon, Anne-Catherine Gillet (10, 14, 17, 20 & 23.12.2017), Le Chevalier De La Force Stanislas De Barbeyrac, L’aumônier Du Carmel Guy De Mey Le Geôlier, Thierry, M. Javelinot Nabil Suliman, Madame De Croissy Sylvie Brunet-Grupposo, Sophie Pondjiclis (08, 10 & 12.12.2017), Madame Lidoine Véronique, Gens Marie-Adeline Henry (10, 14, 17, 20 & 23.12.2017) Mère Marie De L’incarnation Sophie Koch Karine Deshayes (10, 14, 17, 20 & 23.12.2017) Sœur Constance De Saint Denis, Sandrine Piau, Hendrickje Van Kerckhove (10, 14, 17, 20 & 23.12.2017) Mère Jeanne De L’enfant Jésus, Mireille Capelle, Sœur Mathilde Angélique Noldus, Premier Commissaire Yves Saelens, Second Commissaire Arnaud Richard
  • WAAR: De Munt, Brussel
  • WANNEER: 12 december 2017
  • Foto’s: ©De Munt