Terwijl ik dit artikel begin uit te tikken, klink op Klara in Klassiek Leeft, het dagelijkse programma van de onvolprezen presentator Bart Stouten, Händel. Een orgelconcerto, geen zang van hem, maar het is barok. En zie, het is met het zingen van barokmuziek – en wie zou nu niet willen meezingen met zo’n concerto? – dat Karine Deshayes, de Franse mezzo-sopraan, haar doorbraak maakte.

Dat is intussen weeral enige tijd geleden en de stem van de intussen gelauwerde zangeres die zowat overal ter wereld zong van kleine zalen tot de meest gerenommeerde operahuizen, evolueerde, groeide, bloeide nog meer open. Zo verliet ze langzaam het ‘kleinere’ barokrepertoire en de Italiaanse belcanto werd haar geliefde genre, aangevuld met Franse romantiek, Mozart en veel kamerzang en Lied. Ze koos niet perse voor de Latijnse muziek en keerde haar ook niet tegen het Duitse repertorium, maar dat de twee stromingen niet dezelfde zijn en andere stemeisen stellen, dat is zeker. Zo zong ze ook amper Verdi en Wagner. Bewust, het past niet in haar stemtype legt ze uit en dus houdt ze er liever wat afstand van.

Een andere reden dat ze niet gaat voor die grote solorollen in de meesterwerken van zowel Verdi als Wagner is dat ze een band wil met de collega zangers, de koorzangers, het orkest en zeker ook met het publiek. Die band, de interactie, de betrokkenheid trekt haar zeer aan. Het maakt de muziekbeleving totaal en inniger, dieper.

Haar vader? Die wilde in géén geval dat ze zou kiezen voor een professionele loopbaan. De man moet aangevoeld hebben dat zijn dochter, die op haar achtste viool begon te leren, naar een carrière in de muziek op zoek was, hoe jong het kind nog was. Op haar 12de mocht ze mee naar de opera. Opera ! Wàt een openbaring ! Dàt wàs hét ! Zij wilde zingen. Niet zomaar om te zingen, maar ze ontdekte in de opera dat totaalgebeuren: zingen, musiceren, acteren, publiek dat bewogen reageert. Ja, dat zou ze willen, meer dan de viool. 14,5 was ze en begon de zangstudie. Of ze toen wist dat ze een zangeres zou worden die een wereldcarrière zou uitbouwen? Natuurlijk niet, welke zanger(es) weet dat wel op die leeftijd dat de stem keert en je amper mooie klanken kan produceren…

En haar vader nu? Ha, de man bleef lang huiveren, maar gelukkig kon de muziekleraar van zijn dochter Karine hem overhalen haar toch muziek te laten volgen… “Zo’n onzekere toekomst dochterlief, nooit een zekerheid van inkomen. Het is wat anders dan je vader die hoorn speelt in de harmonie voor zijn verzet…” Tja, had die vader zijn dochter destijds niet meegenomen naar de opera en haar bovendien nog de ‘après-théatre’ niet leren kennen achter de scène, had ze misschien in een orkest beland als violiste. Het was trouwens dat wat ze wel eerst wenste, orkestmuzikante zijn. Maar die fameuze avond, waar opera dus veel meer was dan iets dat je thuis beluisterde op de radio… Die avond veranderde haar leven. Een leven dat ze al jaren deelt met elke muziekliefhebber die je je maar kan inbeelden. Ze doet ook heel wat om mensen te bereiken die op zich nooit naar een opera of recital zouden gaan luisteren.

Debuut in Luik…

Het heeft wat jaartjes geduurd eer een operahuis in ons land haar te gast vroeg. Het is niet haar eerste keer in ons land, welnee, en ook niet in Luik op zich waar ze al meermaals recitals gaf. Op 18 december debuteert ze in de Opéra Royal de Wallonie in Luik in Rossini zijn zalige opera La Cenerentola in de rol van Angelina. Het is eens geen travestierol. Daar blinkt Deshayes, dankzij haar stem die diep gaat, maar ook zeer soepele coloraturen als niets zingt, in uit. Ze zingt die rollen niet alleen in het Italiaanse repertoire (de Mozarts inbegrepen), maar ook en vooral in het Franse repertoire dat de meeste travestierollen kent, iets wat velen kan en zal verbazen.

Angelina is een echte vrouwspersoon en daar gaat Karine Deshayes graag voor. Ze zong er al zovele in Bellini, Rossini, Donizetti, Berlioz, Massenet en ga zo maar door.

Deshayes debuteert dan wel in de Luikse opera, maar niet in deze rol. De laatste keer dat ze hem vertolkte, was zo’n vijf jaar geleden in San Fransisco. Of ze dan als niets deze rol zomaar zal zingen omdat het voor haar gekend repertoire is? Helemaal niet. De omstandigheden zijn altijd weer anders, legt ze uit. Ander orkest, andere dirigent, ander huis, andere mentaliteit, andere sfeer, andere inzichten, andere interpretatie, ander publiek en ja: “Ik ben ook vijf jaar ouder, mijn stem is intussen weer geëvolueerd en het kan niet anders dan dat ik de rol anders zal zingen. Het is nooit hetzelfde, er spelen zoveel invloeden hun rol”.

Je kan haar in de rol meemaken als je snel nog kaarten bestelt. Er zijn amper nog plaatsen – Luik is meestal lang op voorhand uitverkocht – maar er zijn er nog, onder meer op ‘de uil’. En wie niet zo operagezind is, kan haar leren kennen in het Lied dat ze zo graag zingt in een trio met klarinet, piano en zang. Zo’n mooi en rijk repertoire, vertelt ze enthousiast. Ze houdt er misschien wel meer van dan van de opera al komt in 2020 ook wat andere opera aan voor haar. Opera die ze nu, door de stemevolutie, aankan: Duits repertoire. Jawel en dus blijft het niet bij Wagners Wezendoncklieder en Mahlers Das Lied von der Erde meer. Richard Strauss is de volgende uitdaging met Ariadne auf Naxos. Maar eerst is het nu de beurt aan La Cenerentola. Het wordt voorzeker een opvoering vol plezier, passend in de sfeer van de eindejaarsfeesten.


  • WIE: Karine Deshayes, mezzo-sopraan
  • WAT: Angelina in La Cenerentola van Gioachino Rossini
  • WAAR: Opéra Royal de Wallonie, Luik
  • WANNEER: van 18 tot 3 december 2019
  • FOTO’S: © Opéra Royal de Wallonie