Het was een zeldzaam gezicht bij aankomst aan de opera: een indrukwekkende politiemacht bewaakte de omgeving en de toegang tot de Vlaamse Opera in Gent. De aanleiding was de opvoering van La Juive van Fromental Halevy een opera waarin  de conflictsituatie tussen christenen en joden centraal staat.

Het was een zeldzaam gezicht bij aankomst aan de opera: een indrukwekkende politiemacht bewaakte de omgeving en de toegang tot de Vlaamse Opera in Gent. De aanleiding was de opvoering van La Juive van Fromental Halevy een opera waarin  de conflictsituatie tussen christenen en joden centraal staat. Gezien de maatschappelijke situatie rond religieuze conflicten ook momenteel een gevoelig thema is, werd voor veiligheid gekozen. Gelukkig bleef het bij een voorzorgsmaatregel.

Genre en inhoud

Halévy en het genre van de grand opéra is in de recente operageschiedenis geleidelijk aan een opmars bezig. De Munt vertoonde in juni 2001 Meyerbeers Les Huguenots en in de Nederlandse Opera was ook La Juive te zien in 2009 (regie Pierre Audi).

La Juive van Jacques Fromental Halévy was bij zijn première in Parijs in 1835 een van de spectaculairste en succesrijkste producties van een grand opéra. De opera met een uitgesproken joods thema werd in 1936 door de nazi’s verboden. De thematiek van menselijke (on)verdraagzaamheid, religieus fanatisme en oprechte liefde versus liefde gebaseerd op status is van alle tijden. Het gegeven van de geheime identiteit is een extraatje in de operaplot. Het is dus zeker een boeiende keuze van Opera Vlaanderen om in dit seizoen met als thema “Onmacht” deze opera voor het voetlicht te brengen.

Kort samengevat is dit het verhaal: De opera speelt zich af in Konstanz in 1414 op het ogenblik dat een concilie plaats heeft in de stad. De Jodin Rachel, (vermeende) dochter van Eléazar is verliefd op de kunstenaar Samuel maar ze weet niet dat die man in werkelijkheid de rijksvorst Léopold is, een christen dus. Evenmin is ze ervan op de hoogte dat hij getrouwd is met prinses Eudoxie. Kardinaal de Brogni weet niet dat zijn verloren gewaande dochter door Eléazar als zijn eigen dochter opgevoed werd. Rachel is dus eigenlijk geen Joodse. Alleen Eléazar weet dat maar hij geeft zijn geheim pas prijs als hij samen met zijn dochter de brandstapel bestijgt.

Konwitschny mengt tragiek met hoon

Peter Konwitschny heeft al eerder in Opera Vlaanderen Verdi’s Don Carlos geregisseerd, waar hij de revolutionaire ideeën zeer militant op de voorgrond plaatste. In deze enscenering van La Juive heeft hij een mooi evenwicht gerealiseerd tussen de historische gegevens van religieuze en politieke onverdraagzaamheid en de persoonlijke tragedie van de Joodse “outsiders” Rachel en Eléazar. De personages zijn duidelijk in twee kampen verdeeld door de eenvoudige symboliek van blauwe (christenen) en gele (joden) handschoenen. De kostuums zijn hedendaagse pakken. Rachel kan je met haar donkere halflange plooirok, donker gilet, witte bloes en zwart sluik haar zo tegenkomen in de joodse buurt in Antwerpen rond het stadspark. De koorpassages krijgen iets dreigends door het samengepakt staan van de koorleden met hun donkere uniformen en blauwe handen. Eenvoud die expressief is. Het einde van het derde bedrijf is daarin het summum als ze op een lange rij routineus bandwerk verrichten in een fabriek om bommengordels te produceren (later zal blijken waartoe die dienen). Het idee om op het einde van het eerste bedrijf het koor in de zaal tussen het publiek te laten optreden kwam gedemodeerd over. Bovendien was hun hoongelach als reactie op de poging van Eléazar en Rachel een toevlucht te vinden op de trappen van de kerk, totaal ongepast en een ontkrachting van de dreiging waaraan de joden ten prooi zijn. Ook in het optreden van Rachel in het derde bedrijf als ze Eudoxie confronteert met het overspel van haar echtgenoot met een joodse is het schamper lachen van Rachel niet in overeenkomst met de ernst van de situatie, ook niet met haar eigen ontgoocheling. Alsof de ontdekking van het overspel van Leopold een grap is! Misschien grijpt de regisseur naar die oplossing om het bijna ongeloofwaardige gebeuren voor een hedendaags publiek waarachtiger te maken? De confrontatie daarentegen tussen Eudoxie en Rachel in het vierde bedrijf – als Rachel gevangen is en ze toegeeft bereid te zijn haar bedrieglijke minnaar (echtgenoot van Eudoxie) te sparen – is een van de twee aangrijpendste momenten van de voorstelling. Daar worden ook de gekleurde handschoenen uitgetrokken, een moment van samenhorigheid tussen de christen en de joodse vrouw, als misleide geliefden. Ook aangrijpend is de ontmoeting tussen Rachel en haar (echte) vader de Brogni, waarin hij haar vraagt aan haar religie te verzaken om haar leven te sparen. Jammer dat Konwitschny het hier nodig vindt een allusie op de zelfmoordterroristen te maken als de bommengordel hier terug opdaagt en Rachel dreigt er zich mee op te blazen. Over de hele lijn schuwt zijn enscenering evenwel extreem actuele connotaties, terwijl ze duidelijk kritisch is tegenover religieus fanatisme.

Mooi decor, gecoupeerde versie

De voorstelling oogt mooi met het prachtig belichte eenheidsdecor met glasramen, waarvan nu eens de centrale rosette oplicht, dan weer de langvormige glasramen. Tegen die achtergrond is een metalen constructie gebouwd die verplaatsbaar is naargelang de diverse locaties. De muzikale uitvoering had evenwel transparanter en meer gedetailleerd kunnen zijn. De solopartijen kregen weinig beklemtoning. Het egale klankbeeld gaf weinig reliëf aan de soms pompeuze passages. Het koor zong wel met veel inzet en overtuiging. Er was ook flink gecoupeerd en zo was onder andere het hele (nochtans voor grand opéra) obligate ballet gecoupeerd in het derde bedrijf. Jammer, want het hoort nu eenmaal bij het genre. Ook in de aria’s van Eudoxie was de schaar gezet. Met de zangers was ik niet onverdeeld gelukkig. De hautaine Eudoxie werd mooi vertolkt met soepele coloratuursopraan door Nicole Chevalier. De ambigue Léopold komt niet uit de verf in de vertolking van Randall Bills. Overtuigend waren wel de twee vaderfiguren, zowel de bas Dmitry Ulyanov als de tenor Roberto Saccà, die nu eens de op geld beluste jood speelt, dan weer de liefhebbende en gekwetste vader. Rachel werd zeer sterk vertolkt door Asmik Grigorian. Ze kon de aartsmoeilijke partij vocaal aan maar ze zong met een scherp en hard timbre, wat haar prestatie ontsierde.