A Tribute to Sax

A Tribute to Sax Boekje + cd s

***  Welnee, Klassiek Centraal organiseert geen enquête naar de grootste Belg aller tijden. Maar op het muzikale vlak steekt Adolphe Sax er volgens onze bescheiden en niettemin koppig volgehouden mening toch wel met hoofd en schouders boven uit.  

***  Welnee, Klassiek Centraal organiseert geen enquête naar de grootste Belg aller tijden. Maar op het muzikale vlak steekt Adolphe Sax er volgens onze bescheiden en niettemin koppig volgehouden mening toch wel met hoofd en schouders boven uit.  

Het is dit jaar 200 jaar geleden dat Adolphe Sax (1814-1894) geboren werd in Dinant, een charmante stad aan de Maas. Zijn leven liep niet over rozen en succes met een aantal van zijn geniale uitvindingen viel hem niet meteen te beurt. Op sommige platenhoezen kon je tot voor kort nog lezen: “le saxophone français”. De Fransen waren (en zijn) stikjaloers dat zo’n belangrijk iemand uit zo’n pietluttig landje als België kon stammen. We gaan het verhaal van de “uitvinder” hier niet uit de doeken doen. Daarvoor kan u terecht in de talrijke publicaties/boeken die al bestaan of dit jaar nog zullen verschijnen en desnoods, met behulp van uw computer, ook op een of andere zoekmachine (zoals Google of Wikipedia).

Boekje + cd’s

Het boekje – al bij al 60 pagina’s – dat we u willen voorstellen, bevat ook 2 cd’s en is bijzonder luxueus uitgegeven. De uitgever is er zich zeer goed van bewust dat het sowieso een ‘beperkte’ editie is. Een complete biografie en discografie – met andere woorden: die het volledige spectrum van alles wat ooit ‘bedacht’ werd rondom de saxofoon in zijn verschillende vormen (van sopranino tot contrabassaxofoon) – is gewoon onmogelijk. Ook op beide cd’s is een zeer beperkte selectie te horen, van een componist van bij ons door musici van bij ons. Jammer in slechts twee talen: Engels en Frans. Naar we vermoeden om puur commerciële redenen omdat beide talen wereldwijd vanzelfsprekend meer betekenen dan Nederlands of pakweg Duits…

Tekst

De tekst is zeer helder geschreven en vertelt de geschiedenis van Adolphe Sax en de tribulaties die hij beleefde om zijn uitvinding tenslotte gepatenteerd te krijgen in… Parijs. Vandaar “le saxophone français” natuurlijk.

Het boekje is geïllustreerd met mooie technische tekeningen (in sepia) en foto’s van de oorspronkelijke vorm die de saxofoon aannam. Het bevat eveneens een leuke begeleidende tekst waarin we lezen dat de saxofoon van in het begin onder de categorie van de… klarinetten gebracht werd, vanwege het zeer vergelijkbare mondstuk en het enkelvoudige rietje waarmee de klank gevormd wordt. Uit een en ander blijkt ook dat Adolphe Sax in de ogen van iedereen die met hem in contact kwam wel degelijk een wereldburger was en dat zijn invloed op de instrumentenbouw niet voldoende hoog ingeschat kan worden. De introductie van de saxofoon in de kunstmuziek (aka ‘klassieke’) wordt voldoende beschreven. Niemand minder dan Massenet (in Werther uit 1892) en Berlioz – die eerst zeer enthousiast was, maar er later alleen een Hymne pour les instruments de Sax voor schreef. Ook totaal vergeten componisten (Klosé, Chic, Arban, Sellenick, Limmander, enz…) gebruikten de saxofoon met groot genoegen en dito welslagen. De belangrijksten waren allicht de Belgen Jean-Baptiste Singelée (1812-1875) en Jules Demersseman (1833-1866) van wie muziek te horen is op cd I. Nog iets over het boekje. Het bevat weliswaar maar zestig bladzijden (beide talen samen) maar dan wel in een zeer klein lettertype. Veel te lezen dus, met een goede bril…

Music maestro please

De muzikanten aan het werk zijn ronkende namen onder de saxofonisten. Steve Houben (altsaxofoon), Christian Debecq (sopraansaxofoon), Guy Goethals (altsaxofoon), Roland Schneider (tenor) en Ulrich Berg (bariton). Ze worden bijgestaan door Guy Penson (Erard piano uit 1870) en Michel Benita (contrabas). Vijf van de zes stukjes op cd I zijn van de hand van J.B. Singelée, één ervan is van J. Demersseman. Even grasduinen dus in muziek die de saxofoon heeft weten ontstaan.

Het Duo Concertant op. 55 van Singelée voor sopraan- en altsaxofoon, begeleid op een Erard-piano, katapulteert ons meteen in de 19de eeuw en doet een beetje denken aan een examen kamermuziek… met een paar solopassages waarin de saxofoon inderdaad moet laten horen wat hij zoal allemaal kan. De eenvoudige begeleiding op piano stelt geen enkel probleem, niet voor Guy Penson en evenmin voor ons, luisteraars.

De Fantaisie Pastorale van dezelfde componist tapt uit hetzelfde vaatje en is gewoon of buitengewoon (?) mooi. De historische sopraansaxofoon klinkt bijna als een (hese) klarinet. 

Met de Sérénade op 33 van J. Demersseman maken we kennis met de historische altsaxofoon en zijn ‘diepmenselijke’ klanken. Glasheldere romantiek die inderdaad laat horen wat zoal kan. Een zeker examengehalte is ook hier niet ver uit de buurt. Maar de sonoriteit is verbazend mooi, vooral in trage passages. 

Met het Concerto op. 57 van Singelée ‘verhuizen’ we naar de winkel van de tenorsaxofoon. Die gaat behoorlijk diep en moet het hebben van de warmte. Dat lukt ook. Van gewaagde rubato’s kan je niet spreken. Het ligt er een beetje vingerdik op. 

Dan volgt de Septième solo de Concert opus 93 van Singelée. Je hoort het als het ware van op afstand: dit is herkenbaar Singelée. Wat meer variatie in de keuze van componisten had gemogen, maar was allicht moeilijk binnen de korte tijdspanne van de 19de eeuw (toch voor saxofoon).

Tot slot van cd I het Premier Quatuor opus 53. Hierin laat Singelée een schitterend viertal horen: sopraan-, alt-, tenor- en baritonsaxofoon. Een echt kwartet waardig, met muziek die compositorisch boven de rest van deze cd uitsteekt. Zoals vaak is het mooiste te horen in het Adagio met (laat zich raden) de verschillende timbres afwisselend aan de beurt.

CD II

Met cd II zitten we buiten de core business van Klassiek Centraal. Dit is jazz van de bovenste plank door saxofonist Steve Houben en bassist Michel Benita. Al zeer vroeg in de geschiedenis van de jazz kreeg de saxofoon een zeer belangrijke plaats toebedeeld. Componisten als Jerome Kern, Richard Rogers, Michel Legrand, George Gershwin, Cole Porter, enz… zullen ook bij de ‘klassieke’ muziekliefhebber belletjes doen rinkelen. Het lijkt of de musici hier meer plezier aan beleven dan aan de, nou ja met permissie, op de duur enigszins eentonige Singelée. Prachtige solo’s horen we hier. Zoals u ook wel weet, staat in jazz zeker niet alles op papier en het zijn alleen de allergrootsten die hier meesterlijk in slagen: het patroon van de compositie te volgen en toch zo vrij als een vogel boven het canvas durven te fladderen. Grote namen als Sidney Bechet, John Coltrane, Stan Getz, Paul Desmond, Ben Webster, Charly Parker… schieten me kris kras door het geheugen. Ook Belgische saxofonisten behoorden/behoren tot de top: Etienne Verschueren, Steve Houben, Frank Vaganée, Fabrizio Cassol, Bart Defoort, Ben Sluijs om er maar enkele te noemen… staan zonder blozen op het lijstje van grote namen.

Krijg elke donderdag een overzicht in je mailbox van alle artikelen die geplaatst zijn op Klassiek Centraal. Schrijf je snel in:

[bsa_pro_ad_space id=3]

Meer lezen ?

Sterrenparade

Voor wat staan de sterren die toegekend worden? Het is belangrijk om daarin openheid te brengen, dit m.a.w. op de (ver)nieuw(d)e website te expliciteren. KC is voorstander van een positieve benadering, genre de restaurantrubriek in dSMagazine: uitstekend– goed – redelijk – nipt.

5 ⭐️ = uitstekend

4 ⭐️ = zeer goed

3 ⭐️ = goed

2 ⭐️ = redelijk

1 ⭐️ = nipt

Introductiegidsen

Steun Klassiek Centraal via JPC